Logo van het Planbureau voor de Leefomgeving
Naar het hoofdmenuNaar de subnavigatieNaar de hoofdinhoud

Grote ruimtelijke veranderingen door belevingseconomie

Persbericht | 13-05-2004

Gedurende de laatste tien jaar is in Nederland het aantal golfbanen, maneges, horecaondernemingen, kartbanen, bioscopen en pretparken aanzienlijk toegenomen. De vrijetijdsindustrie en de beleveniseconomie hebben zo hun sporen achtergelaten in het Nederlandse landschap. Deze veranderingen hangen samen met onze stijl van leven, die steeds drukker wordt. De schaarse vrije tijd wordt steeds vaker ingevuld met allerlei activiteiten: duizend dingen op een dag, duizend dingen om te doen en duizend dingen om te beleven. Het is een stijl van leven waarbij men in een wereld van bijna onbegrensde mogelijkheden alles uit het leven wil halen. Maar wat zijn hiervan de ruimtelijke gevolgen? Zijn er onbedoelde negatieve effecten? En wat betekent het voor eisen die aan nieuwe woongebieden gesteld kunnen gaan worden?

Deze vragen staan centraal in het nieuwe rapport van het Ruimtelijk Planbureau: Duizend dingen op een dag, een tijdsbeeld uitgedrukt in ruimte. Tijdens een informele bijeenkomst werd het boek gepresenteerd door directeur Wim Derksen. Hij bracht daarbij onder de aandacht dat vooral die ontwikkelingen interessant zijn die ons iets vertellen over de toekomst. Niet wat blijft trekt de aandacht, maar wat verandert.

Behalve de beleveniseconomie heeft ook de toegenomen mobiliteit die voor al deze belevenissen noodzakelijk is, zijn sporen nagelaten. De infrastructuur bleef achter bij de explosieve groei van het aantal autokilometers met capaciteitsproblemen tot gevolg: langere files en vertragingen bij de spoorwegen. De knooppunten van mobiliteit hebben zich mede daardoor ontwikkeld tot multifunctionele ontmoetingsplaatsen op stations en bij afritten van autosnelwegen. Deze mogelijkheden om functies te combineren stellen ons in staat effectiever te handelen. Vreemd genoeg heeft deze toegenomen effectiviteit niet geleid tot een rustiger bestaan, maar eerder tot de behoefte nog meer te beleven en dus tot meer verplaatsingen.

Een en ander wordt in beeld gebracht met kwantitatieve gegevens, maar ook aan de hand van de panorama's van fotograaf Siebe Swart. Met die foto's wordt een fenomeen in beeld gebracht: nieuwe pleinen. Een van de meest treffende ruimtelijke veranderingen is immers dat nieuwe plaatsen voor ontmoeting en vermaak ontstaan, die in vorm weinig doen denken aan de traditionele publieke ruimten.

Aan de hand van ontwerpend onderzoek laat dit boek tot slot zien dat de ideale uitvalsbasis voor veel moeten doen, veel willen beleven, én kunnen onthaasten wel degelijk bestaat. Het gebied tussen Arnhem en Nijmegen, dat tijdens het onderzoek als focusgebied werd bestudeerd, herbergt meerdere kernen die de moderne mens in al zijn ruimtelijke en facilitaire wensen tegemoet komt.

Links

Meer informatie

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Persvoorlichting (070-3288688 of persvoorlichting@pbl.nl).