Het Milieu- en Natuurplanbureau constateert in de Nationale Milieuverkenning 6 dat er nog veel milieuwinst te bereiken is met technologie en internationale samenwerking. Afnemende milieudruk bij voortgaande economische groei is alleen mogelijk bij een sterke overheid en bij veel internationaal milieubeleid. Bij meer marktwerking en hoge economische groei ontstaat echter herkoppeling tussen economische groei en milieudruk, en neemt de uitstoot van veel stoffen weer toe. In beide gevallen produceert Nederland in de toekomst meer, maar ook schoner.
naar het persbericht download rapport (PDF 5.7 MB) bestel publicatie
Auteurs
Milieu- en Natuurplanbureau
Rapportnr.
500085001
Datum
25 april 2006
Aantal pagina's
104
Taal
nl
Jaar
2006
ISBN
978-90-6960-137-7
Bij een sterke overheid en veel internationaal milieubeleid is voortgaande economische groei mogelijk bij lagere druk op het milieu. Bij meer marktwerking en hogere economische groei neemt de uitstoot van veel stoffen weer toe; er zal herkoppeling tussen economie en milieudruk optreden. Per verdiende euro stoot Nederland steeds minder verontreinigende stoffen uit. Bestaande milieudoelen voor 2010 kunnen met enkele jaren vertraging bereikt worden, zonder sterk internationaal milieubeleid worden de doelen later of niet bereikt. De lange termijndoelen uit het Nationaal Milieubeleid Plan 4 (NMP4) voor duurzame bescherming van de gezondheid van mensen en natuur blijven in beide scenario’s buiten bereik.
Na 2010 zijn voor verschillende milieuthema’s meer of scherpere Europese milieudoelen te verwachten. Tegelijk krijgen lidstaten meer ruimte om Europese doelen voor milieukwaliteit naar eigen inzicht te bereiken. De indicatieve Europese milieudoelen voor 2020 voor klimaat en grootschalige luchtverontreiniging zijn binnen bereik. Daarvoor is wel internationale samenwerking en aanvullend Nederlands beleid nodig. Er zijn nu al veel technologische mogelijkheden om de uitstoot van milieuvervuilende stoffen tegen te gaan, merendeels tegen relatief beperkte kosten. De milieuproblemen op mondiaal schaalniveau (klimaat, biodiversiteit) of juist lokaal schaalniveau (lokale leefomgevingkwaliteit) blijven hardnekkig. Op lokaal niveau moeten de oplossingen vooral gevonden worden in ruimtelijke ordening, op mondiaal niveau in innovatie- en volumebeleid.