Logo van het Planbureau voor de Leefomgeving
Naar het hoofdmenuNaar de hoofdinhoud

Naar een schone economie in 2050: routes verkend

Rapport | 16-11-2011

Nederland kan in 2050 80 procent minder broeikasgassen uitstoten. Dit kan door in te zetten op een mix van energiebesparing, biomassa, CO2-afvang en opslag, en schone elektriciteit. De ingrijpende vernieuwingen in het energiesysteem zullen tijd vragen en daarom is het zaak er snel mee aan de slag te gaan.

Alleen mix van technieken maakt schone economie in 2050 mogelijk

Naar het voorbeeld van de Europese Commissie stelt het kabinet-Rutte een klimaatroutekaart samen voor 80 procent minder broeikasgassen tenopzichte van 1990 in 2050. Deze emissiereductie acht de Commissie nodig als Europese bijdrage om de opwarming van de aarde te beperken tot 2 graden. Ook andere ontwikkelde en ontwikkelingslanden worden geacht hier een bijdrage aan te leveren.

Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) heeft in samenwerking met het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) mogelijke routes voor een schone economie in 2050 nader verkend.

In de huidige situatie is en groot deel van de broeikasgasemissies een direct gevolg van het gebruik van fossiele energie. De opbouw van een nieuw systeem met duurzame en schone technologieën vergt vele decennia. De investeringen die in het komende decennium worden gedaan, zullen het beeld van 2050 mede bepalen.

Vier groepen van vooral technische opties zijn de belangrijkste bouwstenen voor een toekomstig energiearm systeem:

  • Vermindering van de vraag naar energie. Energiebesparing vormt de basis voor een schone economie.
  • Inzet van biomassa ter (gedeeltelijke) vervanging van kolen, gas, olie en olieproducten. Zonder de inzet van biomassa is het vrijwel onmogelijk om de CO2-reductiedoelstelling te behalen. Zeer waarschijnlijk zal het in Nederland nodig zijn biomassa te importen.
  • Afvang en opslag van CO2. Door bij de productie van biobrandstoffen CO2 af te vangen en op te slaan kunnen negatieve emissies worden gerealiseerd: er wordt netto CO2 uit de atmosfeer gehaald. De afvang en opslag van CO2 is tevens van belang bij grote industriële installaties en elektriciteitscentrales. De totale opslagcapaciteit is op dit moment nog onzeker.
  • Productie van elektriciteit zonder directe CO2-emissies (met wind, zon en kernenergie) in combinatie met elektrificatie bij de eindgebruikers.

De potentiële productie uit deze bronnen is veel groter dan de huidige elektriciteitsvraag in Nederland. Wanneer de energievraag verschuift van brandstoffen naar elektriciteit (elektrificatie) biedt deze vorm van energie de basis voor een schoon systeem.

Kosten van het energiesysteem

De totale directe jaarlijkse kosten van een energiesysteem met maximaal 45 megaton aan broeikasgasemissies (een reductie van 80 procent ten opzichte van 1990) in 2050 zijn naar verwachting tussen de 0 en 20 miljard euro per jaar hoger dan de kosten van een systeem gebaseerd op de huidige technieken. De grote bandbreedte is het gevolg van onzekerheid over enerzijds de kostenontwikkeling van veel nog in ontwikkeling zijnde technieken, en anderzijds de toekomstige prijzen van fossiele brandstoffen en biomassa. Daartegenover staan de baten van klimaatbeleid die in dit rapport niet zijn gekwantificeerd.

Kostenefficiënte invulling van 2020-doelen is onvoldoende

Om te kunnen voldoen aan het langetermijndoel van 80 procent minder CO2-uitstoot in 2050 zijn andere en verdergaande technieken nodig dan de technieken die nu worden gestimuleerd om te voldoen aan de doelen voor 2020 (20 procent minder CO2-uitstoot en 14 procent hernieuwbare energie). Om de benodigde innovatie voor de lange termijn te stimuleren zijn nu al aanvullende initiatieven nodig.

Meer informatie

Auteur(s)Jan Ros et al.
Rapportnr.500083014
Publicatiedatum16-11-2011
ISBN978-90-78645-79-5
Pagina's176
TaalNederlands