Logo van het Planbureau voor de Leefomgeving
Naar het hoofdmenuNaar de hoofdinhoud

Vormgeven aan de Spontane Stad: belemmeringen en kansen voor organische stedelijke herontwikkeling

Rapport | 30-08-2012
Foto van een beschilderde muur aan de Prinsengracht in Amsterdam

In het rapport ‘Vormgeven aan de Spontane Stad’ verkennen het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en Urhahn Urban Design in hoeverre organische gebiedsontwikkeling mogelijk is en hoe gemeenten, en indirect het Rijk, dit kunnen faciliteren. Organische gebiedsontwikkeling is de optelsom van relatief kleinschalige lokale (her)ontwikkelingen van losstaande gebieden waarbij er ruimte is voor initiatieven van burgers en bedrijven.

Van gemeenten vraagt dit om de regierol los te laten en om zich afhankelijker van initiatief(nemers) te durven opstellen. Door aanpassing van regelgeving kan het Rijk de gemeenten beter in staat stellen om met ontwikkelingen om te gaan zonder duidelijk begin- en eindmoment en zonder eindbeeld.

Organische gebiedsontwikkeling als alternatief voor grootschalige integrale ontwikkelingen

Door de economische crisis stagneren momenteel veel grootschalige integrale gebiedsontwikkelingen. Organische gebiedsontwikkeling is een alternatieve vorm van stedelijke ontwikkeling die meer gebruik maakt van de krachten in de samenleving.

Kenmerkend hierbij is de ruimte voor gevarieerde initiatieven. Een school ombouwen tot ruimtes voor kleine bedrijven; een kantoorgebouw tot appartementen of een hotel; horeca in een lege graansilo; verwaarloosde openbare ruimte inrichten als park voor en door bewoners; paviljoens op tijdelijk braakliggend terrein als onderdak voor kinderopvang of vergaderzalen. Gebiedsontwikkeling als optelsom van relatief kleinschalige lokale (her)ontwikkelingen vraagt een proces zonder tijdshorizon, waarbij ontwikkeling en beheer samen oplopen, met een nadrukkelijke rol voor eindgebruikers en een faciliterende rol voor de overheid. Hiermee wijkt het af van de traditie van integrale gebiedsontwikkeling.

Organische gebiedsontwikkeling is geen panacee voor alle ‘kwalen’, bijvoorbeeld als middel om gebiedsontwikkeling door de crisis heen te helpen zoals soms wordt gesteld. Ook in de toekomst zullen er gebieden zijn die zich goed lenen voor de integrale aanpak. Wel heeft, volgens het PBL en Urhahn Urban Design, organische gebiedsontwikkeling een aantal voordelen, waardoor het ook voor de periode na de crisis een belangrijke vorm van ontwikkeling kan zijn. Zo leidt organische gebiedsontwikkeling tot meer stedelijke diversiteit, worden de eindgebruikers nadrukkelijker betrokken en biedt het een grotere mate van flexibiliteit dan de projectmatige, grootschalige en integrale planningstraditie die in Nederland gangbaar is.

Gemeenten kunnen organische gebiedsontwikkeling faciliteren

Gemeenten kunnen organische gebiedsontwikkeling faciliteren via communicatieve strategieën en door een meer procesmatige in plaats van een projectmatige organisatie. Financieel-economisch ligt er voor de gemeente met name een opgave wanneer ze niet zelf de grondexploitatie voert, zoals bij organische gebiedsontwikkeling vaak voorkomt. Initiatief-overstijgende opgaven, zoals het aanleggen van openbare ruimte en infrastructuur, moeten dan op een andere wijze georganiseerd en bekostigd worden. Tot slot heeft het faciliteren van initiatieven ook juridisch-planologische gevolgen. Gemeenten kunnen bijvoorbeeld proberen meer flexibiliteit in bestemmingsplannen in te bouwen. Een keuze voor organische gebiedsontwikkeling vereist dus een essentieel andere houding van gemeenten: loslaten van de regierol en zich afhankelijker van initiatief(nemers) durven opstellen.

Ook Rijksoverheid heeft faciliterende rol

De Rijksoverheid kan gemeenten beter in staat stellen om organische gebiedsontwikkeling te faciliteren door kennis hierover te verspreiden en de competenties van gemeenten op dit gebied te bevorderen. Binnen het huidige omgevingsrecht is een organische vorm van gebiedsontwikkeling goed te faciliteren. Verbeteringen zijn evenwel mogelijk, zodat gemeenten beter kunnen omgaan met ruimtelijke ontwikkelingen zonder duidelijk begin- en eindmoment en zonder eindbeeld. In het rapport doen PBL en Urhahn Urban Design voorstellen met betrekking tot het uitvoerbaarheidscriterium en de planhorizon van tien jaar die gelden voor het bestemmingsplan; voor verlenging van de termijn voor tijdelijke ontheffingen van het bestemmingsplan; voor anders omgaan met het verhalen van publieke kosten op exploitanten en voor het, in de tijd, flexibeler omgaan met de milieugebruiksruimte.

Auteur(s)Edwin Buitelaar, Sjoerd Feenstra, Maaike Galle, Judith Lekkerkerker, Niels Sorel, Joost Tennekes
Rapportnr.500232002
Publicatiedatum30-08-2012
ISBN978-94-91506-08-6
Pagina's116
TaalNederlands