Aanpak biodiversiteit door bedrijven in beeld gebracht

07-10-2019 | Nieuwsbericht

Het bedrijfsleven kan op diverse manieren bijdragen aan het behoud van biodiversiteit en het duurzaam gebruik daarvan. Van een aantal  bedrijven is geanalyseerd met welke de strategie en aanpak zij  biodiversiteit een plaats in hun bedrijfsmodel hebben gegeven. De onderzoekers vonden een duidelijk onderscheid tussen pro-actieve koplopers, actieve volgers, reactieve volgers, en inactieve achterblijvers.

Bedrijven kunnen biodiversiteit bevorderen

Om inzicht te krijgen in hoe bedrijven het onderwerp biodiversiteit aanpakken in hun strategie voor maatschappelijk verantwoord ondernemen heeft het PBL onderzoek laten uitvoeren door de Rotterdam School of Management (RSM), van de Erasmus Universiteit. De resultaten krijgen een plek in de studies die het PBL publiceert in de aanloop naar de bijeenkomst van de Biodiversiteitsconventie in 2020 in China. Daar zal de rol van het bedrijfsleven bij het oplossen van het mondiaal verlies aan biodiversiteit prominent op de agenda staan. Nu nadenken over motieven van bedrijven kan helpen bij het gericht voeren van beleid nadat  nieuwe internationale doelen voor biodiversiteit vastgesteld zijn. Meer inzicht in de drijfveren van bedrijven uit verschillende sectoren is nodig om de aanpak van de overheid te verbreden, om meer bedrijven te bereiken.

Biodiversiteit op de agenda van bedrijven

Het verlies van biodiversiteit en natuurlijk kapitaal (B&NK) staat bij veel bedrijven nog maar kort op de agenda, in tegenstelling tot bijvoorbeeld klimaatverandering. Prof. Rob van Tulder van RSM licht het onderzoek toe toe: “De thema’s biodiversiteit en natuurlijk kapitaal staan bij de meeste ondernemingen nog in de kinderschoenen. Dit geldt zelfs voor ondernemingen die hier actief op in willen zetten. Om de transitie naar een groene economie te realiseren, is er inzicht nodig in de manier waarop ondernemingen hun motivatie voor dit thema vormgeven in hun bedrijfsmodellen.” Het is voor veel bedrijven nog onduidelijk wat de mogelijkheden zijn om een aanpak op dit thema te ontwikkelen.

Reactieve strategie lijkt te overheersen

Het grootste deel van de door de RSM onderzochte bedrijven vertoont een reactieve houding op dit onderwerp vanuit defensieve motieven. Het beeld is echter diffuus als je naar verschillende aspecten van de bedrijfsvoering kijkt. Voor wat betreft de accounting praktijk op het vlak van biodiversiteit en natuurlijk kapitaal is er bijvoorbeeld sprake van een achterstand, daar zijn nog maar weinig van de onderzochte bedrijven actief mee bezig. Daarnaast zijn er ook koplopers die interessante stappen zetten in de realisatie van hun ambities en waar aandacht voor biodiversiteit is doorgevoerd in het gehele businessmodel. De onderzoekers vinden dat er nog een wereld te winnen is op dit thema, en dat gericht overheidsbeleid daarbij kan helpen.

Classificatie van bedrijven ontwikkeld

De belangrijkste uitdaging van dit onderzoek was om een classificatie te ontwikkelen voor het in kaart brengen en begrijpen van de inzet van bedrijven op het gebied van B&NK. Het onderzoek gaat daarbij uit van een algemene bedrijfskundige taxonomie van maatschappelijk verantwoord ondernemen, waarin vier bedrijfskundige (arche)typen zijn onderscheiden: inactief, reactief, actief en proactief. Deze onderscheiden zich op twee motieven. Enerzijds door welk type stimuli een bedrijf gemotiveerd wordt om in te zetten op een maatschappelijk thema: intrinsiek (vanuit het eigen businessmodel) of extrinsiek (vanuit maatschappelijke druk). Anderzijds is van belang hoe een bedrijf aankijkt tegen maatschappelijk thema’s: als aansprakelijkheidsrisico waarvoor men tactische maatregelen kan nemen of als verantwoordelijkheid en kans waarover het bedrijf strategischer moet nadenken. De classificatie is vervolgens getest op enkele tientallen Nederlandse bedrijven uit sectoren met een relatief hoge impact op B&NK, zoals voedsel en dranken, chemie, bouw en ook financiën. De resultaten maken het mogelijk om bedrijven te onderscheiden en te begrijpen. Daarmee is er een methode beschikbaar om een grotere groep bedrijven te gaan analyseren, om zo een meer representatief beeld op te bouwen.

Over dit onderzoek en de onderzoekers

De Rotterdam School of Managenement heeft het onderzoek  uitgevoerd in opdracht van het PBL, als onderdeel van een breder mede door NWO gefinancierd onderzoeksprogramma naar ‘Duurzame bedrijfsmodellen’. De auteurs zijn Christiaan Hendriks MSc en Rob van Tulder, hoogleraar bij de vakgroep Business-Society Management en het Partnerships Resource Centre.