Consortium Klimaat- en Energieverkenning (KEV)

De Klimaat- en Energieverkenning (KEV) is een gezamenlijk project van PBL, CBS, ECN part of TNO, RIVM en ondersteund door RVO.nl. Desalniettemin heeft elk instituut zijn eigen verantwoordelijkheid. In de KEV zijn de geïntegreerde resultaten opgenomen, waardoor de bijdragen van elk instituut afzonderlijk niet meer te herleiden zijn.

Planbureau voor de Leefomgeving (PBL)

Als projectcoördinator heeft het PBL de eindverantwoordelijkheid voor de KEV. Het PBL draagt bij aan vrijwel elk onderdeel, zowel met betrekking tot het kwantitatieve beeld van de ontwikkeling van de broeikasgasuitstoot en de energiehuishouding als de daarmee samenhangende economische aspecten. Ook draagt het PBL bij met meer beschouwende analyses, bijvoorbeeld over de ontwikkelingen in het buitenland.

Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)

Het CBS levert en beschrijft de energiegerelateerde data die door het CBS zelf worden samengesteld. Dit zijn onder andere gegevens uit de energiestatistieken, prijzenstatistieken en economische statistieken. Het CBS is niet verantwoordelijk voor projecties naar de toekomst, noch voor beleidsevaluatieve uitspraken.

ECN part of TNO

ECN part of TNO ondersteunt het PBL bij het vaststellen en duiden van de resultaten. Over verschillende thema’s van de KEV brengt ECN part of TNO kennis in, waaronder de gebouwde omgeving, de industrie en de landbouwsector.

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)

Het RIVM levert naast alle monitoringcijfers uit de emissieregistratie ook een bijdrage aan de ramingen van niet-CO₂-broeikasgassen zoals methaan, lachgas en F-gassen uit de industrie.

RVO.nl

RVO.nl levert informatie die is verkregen door verschillende beleidsinstrumenten te monitoren op het gebied van energie-efficiëntie, hernieuwbare energie en energie-innovatie. Dit betreft informatie over de trends over de afgelopen jaren, gerealiseerde projecten en, waar mogelijk, voorgenomen activiteiten. RVO.nl is niet verantwoordelijk voor projecties naar de toekomst, noch voor beleidsevaluatieve uitspraken.