Logo van het Planbureau voor de Leefomgeving
Naar het hoofdmenuNaar de subnavigatieNaar de hoofdinhoud

Uitstoot broeikasgassen in Nederland binnen de internationale afspraken

Persbericht | 31-05-2011

Nederland kan zijn internationale verplichtingen wat betreft de uitstoot van broeikasgassen tot en met 2015 zeer waarschijnlijk nakomen, deels door de aankoop van buitenlandse emissierechten. Voor de luchtverontreinigende stoffen ammoniak en stikstofoxiden is het onzeker of de verplichtingen worden gehaald.

Deze conclusie trekken het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) in het vandaag verschenen rapport "Raming van broeikasgassen en luchtverontreinigende stoffen 2011-2015". In dit rapport brengen zij in beeld wat de te verwachten uitstoot van broeikasgassen (vooral CO2, maar bijvoorbeeld ook methaan en lachgas) en luchtverontreinigende stoffen zal zijn in de periode 2011 tot en met 2015. Gekeken is of Nederland in die periode zal voldoen aan de verplichte Europese en internationale regels.

Uitstoot broeikasgassen door energiebedrijven en industrie neemt waarschijnlijk toe

Hoewel de uitstoot van broeikasgassen in Nederland van energiebedrijven en industrie de komende jaren naar verwachting toeneemt, zal Nederland zijn internationale verplichtingen zeer waarschijnlijk toch kunnen nakomen. Volgens het Kyoto Protocol moet Nederland de uitstoot van broeikasgassen in de periode 2008 tot en met 2012 met gemiddeld zes procent verminderen ten opzichte van 1990. Het ziet er naar uit dat de uitstoot in Nederland hoger zal uitvallen. Dit valt voor een belangrijk deel te verklaren door de uitbreiding van het elektriciteitsproductiepark en in mindere mate door de industrie die zich herstelt van de recessie. Omdat Nederland altijd al uitging van de noodzaak tot aankoop buitenlandse emissierechten kan Nederland toch aan de verplichting uit het Kyoto Protocol voldoen De verwachting is dat er voldoende buitenlandse emissierechten worden aangekocht door de rijksoverheid en bedrijven die onder de Europese CO2-emissiehandel vallen.

Uitstoot broeikasgassen door verkeer, landbouw, kantoren en woningen daalt waarschijnlijk

De totale uitstoot van broeikasgassen door verkeer, landbouw (exclusief glastuinbouw) kantoren en woningen neemt in de komende jaren waarschijnlijk af. Deze uitstoot valt niet onder de Europese CO2-emissiehandel. Hiervoor gelden vanaf 2013 tot en met 2020 jaarlijks dalende emissieplafonds waar Nederland als lidstaat aan moet voldoen. De geraamde uitstoot van deze broeikasgassen zal tot 2015 zeer waarschijnlijk lager uitkomen dan deze maxima, die echter nog wel indicatief zijn en eind 2012 door de Europese Commissie worden vastgesteld.

Onzekerheid over luchtverontreinigende stoffen

Voor de luchtverontreinigende stoffen die vallen onder het Europese luchtbeleid is het beeld minder eenduidig. De uitstoot van stikstofoxiden, onder andere door verkeer, industrie en energiebedrijven, ligt vanaf 2012 mogelijk (net) onder het Europese emissieplafond, maar de onzekerheid over de geraamde uitstoot is groot. De kans om dit doel te bereiken wordt voor 2012 geschat op 50 procent. In de jaren daarna neemt de kans op overschrijding steeds verder af.

Voor de uitstoot van ammoniak, onder andere door de landbouw, geldt dat de geraamde uitstoot in de periode 2011-2015 onder het Europese emissieplafond ligt. Voor 2011 is de kans om dit doel te bereiken ongeveer 50 procent. In de loop van de beschouwde periode neemt de kans op overschrijding steeds verder af. De uitstoot van zwaveldioxide en vluchtige organische stoffen in de periode 2011-2015 ligt zeer waarschijnlijk onder de Europese emissieplafonds.

Toelichting: korte termijn doelen broeikasgassen en luchtverontreinigende stoffen

Nederland dient naast de klimaat- en energiedoelen voor 2020 ook al in de komende jaren te voldoen aan Europese en internationale verplichtingen. Het gaat daarbij om verplichtingen uit het Kyoto Protocol, het Europese Effort Sharing besluit (ESD) en de Europese richtlijn Nationale Emissieplafonds (NEC-richtlijn). Volgens het Kyoto Protocol moet Nederland de uitstoot van broeikasgassen in de periode 2008 tot en met 2012 gemiddeld zes procent verminderen ten opzichte van 1990 (en 1995 voor gefluoreerde broeikasgassen). Volgens de ESD moet de uitstoot die niet onder de Europese CO2-emissiehandel (ETS) valt, zoals van verkeer, bepaalde landbouwsectoren, kantoren en woningen, vanaf 2013 tot en met 2020 jaarlijks worden verminderd. Tegen 2020 moet deze uitstoot in Nederland 16 procent minder zijn dan in 2005. Voor de NEC-richtlijn gelden er vanaf 2010 nationale emissieplafonds voor vier luchtverontreinigende stoffen: stikstofoxiden, zwaveldioxide, ammoniak en vluchtige organische stoffen (exclusief methaan).

Links

Meer informatie

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Persvoorlichting (070-3288688 of persvoorlichting@pbl.nl).