Logo van het Planbureau voor de Leefomgeving
Naar het hoofdmenuNaar de subnavigatieNaar de hoofdinhoud

Vermindering complexiteit van omgevingsrecht zal gebiedsontwikkeling maar beperkt kunnen versnellen

Persbericht | 27-10-2011

Een herziening van het omgevingsrecht, gericht op het verminderen van de complexiteit, zal de planprocedures bij gebiedsontwikkeling maar beperkt kunnen verkorten. Het omgevingsrecht is slechts één van de elementen bij gebiedsontwikkeling die de totale procesduur beïnvloeden. Daarbij is de restrictiviteit van het omgevingsrecht – de beperkingen die de inhoudelijke (milieu)normen opleggen - meer van invloed op het proces dan de complexiteit van het omgevingsrecht. Dit blijkt uit de PBL-studie 'Omgevingsrecht en het proces van gebiedsontwikkeling'.

Herziening van het omgevingsrecht

Onder de noemer 'Eenvoudig Beter' werkt het kabinet aan herziening van het omgevingsrecht, stroomlijning van procedures en minder onderzoekslast voor gemeenten en projectontwikkelaars. Doel is een vereenvoudiging, opschoning en harmonisatie van het omgevingsrecht waardoor planprocessen sneller kunnen verlopen. Een opschoning van het historisch alsmaar gegroeide stelsel is nuttig. Het is echter de vraag of, zoals vaak wordt gesteld, de complexiteit van het omgevingsrecht ervoor zorgt dat gebiedsontwikkelingen zo lang duren. Het ontbreekt in deze discussie aan een (empirische) onderbouwing. Met deze beleidsstudie wil het PBL feiten en kennis aanleveren voor het debat. Is het grote aantal regels, die ook nog eens ingewikkeld en versnipperd zijn, inderdaad de grote boosdoener?

Praktijk van gebiedontwikkeling

Bij gebiedsontwikkeling is de formele proceduretijd - van ter inzage legging, vaststelling door de gemeenteraad en eventueel een rechterlijke uitspraak - meestal veel korter dan de informele voorbereidingstijd van het plan. In de voorbereidingsfase zoeken initiatiefnemers lang naar een optimale balans tussen ontwerp, programma, grondexploitatie en draagvlak, binnen de juridische randvoorwaarden die het omgevingsrecht stelt. Daarbij moet dan vrijwel altijd onderzoek worden verricht op het gebied van cultuurhistorie, bodem, flora en fauna, luchtkwaliteit, geluid en externe veiligheid. Dat levert een complexe en tijdsintensieve puzzel op, met geregeld vertraging als de onderzoeksresultaten ertoe leiden dat ontwerp, programma en/of grondexploitatie moeten worden aangepast. Ook kan een aanpassing van bijvoorbeeld het ontwerp het nodig maken onderzoek over te doen. Dat in Nederland vaak wordt gekozen voor integrale, grootschalige plannen maakt die puzzel extra complex.

Eenvoudiger en beter?

Het aanbrengen van meer samenhang en eenduidigheid in het omgevingsrecht en een reductie van het aantal en de duur van procedures zal het proces van gebiedsontwikkeling enigszins versnellen. Maar ook binnen het huidige stelsel valt vaak tijdswinst bij planprocessen te boeken. Denk bijvoorbeeld aan het vergroten van de flexibiliteit van plannen of het kiezen voor meer kleinschalige en geleidelijke stedelijke ontwikkelingen.

Om gebiedsontwikkeling daadwerkelijk eenvoudiger te maken is het echter nodig ook naar de restrictiviteit van de normen te kijken. Het is namelijk niet zozeer de complexiteit van het omgevingsrecht die belemmerend werkt, maar de beperkingen die de wettelijke normen opleggen aan de (lokale) bestuurlijke afwegingsruimte. Een aanpassing van het omgevingsrecht waarbij normen minder absoluut zijn en belangen afweegbaar gemaakt worden, kan op lokaal niveau ruimte geven voor planoptimalisatie. Een belangrijke vraag is of dit kan met behoud of zelfs verbetering van gebiedskwaliteit.

Links

Meer informatie

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Persvoorlichting (070-3288688 of persvoorlichting@pbl.nl).