Logo van het Planbureau voor de Leefomgeving
Naar het hoofdmenuNaar de hoofdinhoud
Natuur, landschap en biodiversiteit

Natuur en biodiversiteit

Natuur onder spanning

In het dichtbevolkte Nederland is de natuur niet overvloedig aanwezig. Door bevolkingsgroei en economische ontwikkeling is het landgebruik veranderd, denk aan landbouw en verstedelijking. Hierdoor is er minder natuur dan eeuwen geleden.

Biodiversiteit is de term die wordt gebruikt om de verscheidenheid van het leven op aarde aan te duiden. Het gaat om de planten, dieren en schimmels en ook om de levensgemeenschappen die zij vormen en de habitats waarin zij leven. Verlies van biodiversiteit wordt vaak genoemd als een van de mondiale milieuvraagstukken van onze tijd, naast de klimaat- en energieproblematiek.

We bespreken dit onderwerp in vijf onderdelen:

1. Het belang van natuur en biodiversiteit

2. Het beleid voor natuur en biodiversiteit

3. Veranderingen in natuur en biodiversiteit

4. Oorzaken van verandering

5. Beleidsopties om natuur en biodiversiteit te behouden en te ontwikkelen

1. Het belang van natuur en biodiversiteit

Maatschappelijke, economische en intrinsieke waarde

De natuur biedt diensten en producten die belangrijk of onmisbaar zijn voor het menselijk bestaan op aarde. Denk bijvoorbeeld aan de productie van hout, de bescherming tegen overstroming door de duinen of landschappelijke schoonheid. Dit noemen we ook wel ecosysteemdiensten. Los van het nut voor de mens wordt aan natuur en biodiversiteit ook een eigen, intrinsieke waarde toegedicht.

2. Het beleid voor natuur en biodiversiteit

Mondiaal, Europees en Nederlands beleid

Op wereldniveau hebben landen, waaronder Nederland, afspraken gemaakt over het behoud en duurzaam gebruik van de biodiversiteit in het Verdrag inzake Biologische Diversiteit (CBD). De Europese Unie kent de Vogel- en Habitatrichtlijnen, met als belangrijkste instrumenten Natura 2000 (het Europese netwerk van beschermde natuurgebieden), de Kaderrichtlijn Water en de Kaderrichtlijn Marien.

Als lidstaat van de EU heeft ook Nederland Natura 2000-gebieden aangewezen. Ze maken onderdeel uit van het Natuurnetwerk Nederland (voorheen de Ecologische Hoofdstructuur), het belangrijkste nationale instrument voor natuurbescherming. Zowel binnen als buiten het Natuurnetwerk wordt agrarisch natuurbeheer ingezet. Met de Rijksnatuurvisie 2014 ‘Natuurlijk Verder’ streeft het Rijk ernaar om de natuur te behouden en het gebruik van de natuur en haar diensten te verduurzamen. Ook wil het Rijk de maatschappelijke betrokkenheid bij natuur vergroten. De visie markeert een omslag in het denken: natuur hoort niet naast, maar middenin de samenleving.

3. Veranderingen in natuur en biodiversiteit

Natuur en biodiversiteit staan onder druk

Zowel in Nederland, in Europa als wereldwijd is historisch gezien veel natuur verloren gegaan. Door ontginning en bebouwing is oppervlak aan natuur verdwenen. Bovendien hebben gebruik en vervuiling geleid tot afname van de kwaliteit van resterende gebieden. Tegelijkertijd hebben sommige soorten kunnen profiteren.

De Trendindex van soorten of de Living Planet Index laat zien hoe, ook meer recent populaties van soorten veranderen. Veel soorten staan op de zogenoemde Rode Lijsten van bedreigde soorten. Beide laten zien dat sommige soorten achteruitgaan, terwijl andere weer toenemen. De kwaliteit van de ecosystemen is op veel plekken laag. Na een lange periode van achteruitgang zien we de laatste jaren een stabilisatie in de soorten en kwaliteit van de ecosystemen.

Sommige soorten en habitats zijn zo sterk achteruitgegaan dat ze momenteel beschermd worden.Veel van de in Europa beschermde soorten en habitattypen verkeren nog niet in een gunstige staat van instandhouding. De meeste wateren voldoen niet aan de gewenste biologische kwaliteit van de Europese Kaderrichtlijn Water. Sommige indicatoren laten wel zien dat beleidsmaatregelen een positief effect hebben op areaal, kwaliteit of voorkomen van soorten.

Actuele informatie over de toestand en trends van Nederlandse soorten en ecosystemen is te vinden via de links in bovenstaande tekst.

Lees meer over de indicatoren voor biodiversiteit die het PBL gebruikt

4. Oorzaken van verandering

Omvang en kwaliteit van beschermde leefgebieden onvoldoende voor natuurbehoud

Mondiaal gezien zijn de vijf belangrijkste oorzaken van het verlies aan biodiversiteit habitatverlies, hoge aanvoer van nutriënten, niet-duurzaam gebruik van natuur, invasieve soorten en klimaatverandering. De laatste zal in de toekomst steeds belangrijker worden.

In Europa is, historisch gezien, habitatverlies door landbouw de belangrijkste oorzaak van de verandering in biodiversiteit. Zo zijn veel bossen en moerassen omgezet in akkers en weiden. In de nog overgebleven meer natuurlijke gebieden zijn gebruik (zoals bosbouw), versnippering van natuur en verstoring belangrijke oorzaken van verlaging van biodiversiteit. Daarnaast verdwijnt de biodiversiteit die aanwezig is op extensieve landbouw. Dit komt doordat betere landbouwlocaties intensiveren en minder gunstige locaties buiten gebruik raken.

In Nederland heeft de intensivering van de landbouw en de verstedelijking zich grotendeels al voltrokken in de 20ste eeuw. Dat heeft geleid tot vermindering van het oppervlak en de kwaliteit van natuur. Het areaal natuur is in de laatste decennia in beperkte mate toegenomen door omzetting van landbouw naar nieuwe natuur. De kwaliteit van de overgebleven natuur staat echter nog onder druk. De belangrijkste problemen voor natuur zijn vermesting, verzuring, verdroging en versnippering van leefgebied. Vermesting en verzuring betekenen dat er een teveel aan bijvoorbeeld stikstof, fosfaat, ammoniak en zwaveldioxide terechtkomt in natuurgebieden. De milieudruk is de laatste decennia wel afgenomen.

De milieudruk wordt in belangrijke mate veroorzaakt door de productie- en consumptiepatronen van de samenleving. Deze druk is niet alleen in Nederland zelf, maar manifesteert zich ook in het buitenland. Op dit moment is de hoeveelheid land die nodig is voor de Nederlandse consumptie ongeveer drie keer het landoppervlak van Nederland. Dit wordt ook wel de landvoetafdruk genoemd. De landvoetafdruk heeft ook effect op de biodiversiteitsvoetafdruk.

Lees meer over de modellen die het PBL gebruikt om ontwikkelingen in de natuur te onderzoeken

5. Beleidsopties om natuur en biodiversiteit te behouden en te ontwikkelen

Beschermen van natuur en aanpakken van oorzaken van achteruitgang

Met ruimtelijke bescherming kunnen natuurgebieden behouden blijven tegen bebouwing, houtkap of te intensieve visserij. Buiten reservaatgebieden kunnen aanpassingen in bijvoorbeeld de bosbouw en visserij leiden tot duurzamer gebruik van ecosystemen. In de landbouw, het transport en de industrie zijn onder meer klimaat- en emissiemaatregelen belangrijk voor het verlagen van de milieudruk op natuur. Overheden kunnen werken aan duurzame internationale handelsketens waar de exploitatie van ecosystemen binnen duurzame niveaus blijft. Handel in gecertificeerde producten helpt dan om duurzame productiemethoden te stimuleren.

In haar Natuurverkenning 2010-2040 formuleerde het PBL zes aanbevelingen voor het Nederlandse natuurbeleid:

  • Baseer het natuurbeleid op de drijfveren van mensen 
  • Creëer een robuuste basis van natuurgebieden
  • Anticipeer op veranderende maatschappelijke wensen
  • Speel in op het veranderend gebruik van de Noordzee
  • Ga strategisch om met Europees beleid
  • Maak integraal beleid

Meer informatie