Logo van het Planbureau voor de Leefomgeving
Naar het hoofdmenuNaar de hoofdinhoud

Landschap in transitie

Artikel | 14-06-2018

De klimaatverandering en de verduurzaming van het energiegebruik vragen ruimte, net als de realisering van het Natuurnetwerk Nederland en de bouw van nog bijna een miljoen woningen. De gevolgen voor het huidige landschap zijn onontkoombaar. Hoe en waar gaan die fundamentele transities plaatsvinden en in welke mate en op welke wijze zijn de uiteenlopende ruimteclaims en beleidsdoelstellingen te combineren? In dit essay worden de opgaven en enkele mogelijke oplossingen verkend.

Realisering van alle huidige en toekomstige ruimteclaims heeft gevolgen voor het ons vertrouwde landschap. Op sommige plekken zullen de veranderingen radicaal zijn: denk aan nieuwe woonwijken, nieuwe windparken en nieuwe natuurgebieden. Dat vergt collectieve bewustwording én dwingt ons tot het realiseren van draagvlak en stimuleren van betrokkenheid van burgers. Dit is echter niet eenvoudig. Het beschermen van het landschap als collectieve waarde, én het vernieuwen en aanpassen daarvan aan dwingende duurzaamheidseisen en internationaal afgesproken natuurdoelen, stuiten soms op hardnekkige weerstanden en concurrerende ruimteclaims, op ingesleten gedrag en persistente consumptiekeuzes. Dat vereist een goede dialoog tussen overheid (rijk, provincies, gemeenten) en burgers.

Verweving of scheiding?

Daarbij kan juist het zoeken naar combinaties van functies – waterberging én natuur; windmolens in bossen; wonen op het water, et cetera – het draagvlak voor landschapsvernieuwing vergroten. Het gaat daarbij niet alleen om het verkennen van planologische mogelijkheden voor meervoudig ruimtegebruik, maar vooral om het zoeken naar gedeelde belangen en nieuwe coalities. Zulke coalities vereisen betrokkenheid en een gedeeld eigenaarschap van boeren, ondernemers, burgers, maatschappelijke organisaties en overheden.

In het zoeken naar mogelijkheden en het bepalen van wenselijkheden rond meervoudig ruimtegebruik zullen op lokaal en regionaal niveau de prioriteiten moeten worden bepaald. Op sommige plekken zal woningbouw bovenaan de lijst staan, op andere plekken natuurbehoud en -ontwikkeling. Vervolgens kunnen mogelijke koppelingen worden verkend: kunnen we woningbouw in en verdere verdichting van de bestaande stad combineren met klimaatadaptatie? Kunnen we natuurontwikkeling combineren met de energieopgave? Soms zal dat lastig zijn en zal, met het oog op de kwaliteit van het landschap, de conclusie zijn dat het scheiden van functies toch de voorkeur verdient. In alle gevallen zou het nagestreefde landschap leidend moeten zijn bij de keuze voor bescherming, ontwikkeling of transitie. Het landschap leidend laten zijn in plaats van lijdend, is niet alleen een taak voor beleidsmakers maar voor alle direct betrokkenen.

Auteur(s)Frank van Dam
Publicatiedatum15-06-2018
PublicatieGeografie
Reference27/6, pp. 6-11