Logo van het Planbureau voor de Leefomgeving
Naar het hoofdmenuNaar de hoofdinhoud
Wonen

Wat zijn de gevolgen van de vergrijzing voor de vraag naar woningen?

Vraag en antwoord | 19-01-2015

Deze vraag is lastig te beantwoorden. Enerzijds hebben ouderen andere woonbehoeften (naar woningtype, woningomvang en type woonomgeving) dan jongeren, waardoor bijvoorbeeld een toename van de vraag naar appartementen in de stad in de lijn der verwachting ligt. Anderzijds zijn ouderen veel minder mobiel op de woningmarkt dan jongeren: ouderen verhuizen niet meer zo vaak en spreken vaak de voorkeur uit te blijven wonen waar ze op dat moment wonen. Ze zijn veel minder ‘verhuisgeneigd’ dan jongeren.

Hoe zal de verhuismobiliteit van ouderen zich in de toekomst ontwikkelen? Ook deze vraag is lastig te beantwoorden. De ‘oudere van de toekomst’ zal gemiddeld welvarender, fitter en mobieler zijn dan de ‘oudere van vroeger en nu’, maar tegelijkertijd zullen toekomstige ouderen steeds vaker woningeigenaar zijn. Dat zet een rem op de verhuismobiliteit.