Logo van het Planbureau voor de Leefomgeving
Naar het hoofdmenuNaar de hoofdinhoud

De voetafdruk van Nederland: hoe groot en hoe diep?

Rapport | 02-08-2012

De hoeveelheid land die nodig is voor de Nederlandse consumptie bedraagt ongeveer drie keer het landoppervlak van Nederland. Van het land dat in gebruik is voor deze Nederlandse voetafdruk ligt een kleine 15 procent in Nederland zelf. De helft van het totaal ligt in andere OESO-landen, een kwart in de transitielanden (Brazilië, Rusland, India, Indonesië, China en Zuid-Afrika, de zogenoemde BRIICS-landen), en slechts 10 procent in de rest van de wereld, waaronder het Midden-Oosten en ontwikkelingslanden. Nederland kan dit landgebruik alleen beïnvloeden met op het buitenland gericht beleid.

Gemiddeld van grootte, maar relatief diep

Per inwoner ligt het landgebruik in de buurt van het mondiale gemiddelde, doordat er voor onze consumptie relatief intensieve productiemethoden worden gebruikt. De hoeveelheid land en water die we gebruiken voor onze consumptie vertelt dan ook maar een deel van het voetafdruk-verhaal. Naast de grootte is de diepte van de voetafdruk zeker zo belangrijk: dat gaat om de milieudruk die ontstaat door productie en verwerking van goederen, inclusief effecten op biodiversiteit, klimaatverandering en watertekorten. Zo zijn die effecten voor intensieve veehouderij in Nederland veel groter per hectare dan voor extensieve veehouderij in Zuid-Amerika. Daar staat wel tegenover dat er in Zuid-Amerika meer land nodig is.

Beleid gericht op het verduurzamen van handelsketens en op het efficiënter omgaan met grondstoffen kan een belangrijke bijdrage leveren aan het verminderen van de diepte van de Nederlandse voetafdruk. Om de grootte van de voetafdruk te verkleinen is, naast het efficiënter omgaan met grondstoffen, ook een ander consumptiepatroon nodig.Figuur: wereldkaart met het mondiaal landgebruik door Nederlandse consumptie in 2005 aangegeven (PBL)

Het landgebruik voor consumptie van Nederlandse burgers besloeg in 2005 een gebied ter grootte van drie maal het landoppervlak van Nederland. Daarin is het land dat nodig is voor bosbouw, landbouw en veeteelt het grootst. Het merendeel van het landgebruik (ruim 85 procent) ligt buiten de Nederlandse grenzen, en is daarom minder makkelijk via Nederlands beleid te beïnvloeden. Elk blokje stelt een eenheid van 500 km² voor.

Auteur(s)Mark van Oorschot, Trudy Rood, Edward Vixseboxse, Harry Wilting en Stefan van der Esch
Rapportnr.500411002
Publicatiedatum02-08-2012
ISBN978-94-91506-07-9
Pagina's59
TaalNederlands