Audit WB21: Eerste analyse opgave wateroverlast regionaal watersysteem

27-09-2006 | Publicatie

Volgens de waterschappen kost het beperken of voorkomen van wateroverlast tot 2050 ons land naar schatting 2,5 miljard euro. Door de onderling grote verschillen in gehanteerde aannames en gemaakte keuzes, is het totaalbeeld van de opgave en de kosten echter niet eenduidig. De meest gekozen maatregel is het bergen van water (80%). Een combinatie van wateroverlastmaatregelen met andere doelen, bijvoorbeeld natuur of de Europese Kaderrichtlijn Water, is nog beperkt.

Nog geen eenduidig beeld opgave wateroverlast in Nederland

Aanleiding

Op verzoek van het Landelijk Bestuurlijk Overleg Water/Directoraat-Generaal Water (LBOW/DGW) voert het Milieu- en Natuurplanbureau (MNP) een analyse uit van de waterkwantiteitsopgave Waterbeleid 21ste eeuw (‘Audit WB21’). Het gaat daarbij om de wateropgaven rond wateroverlast vanuit oppervlaktewater (Toets NBW-werknormen 2005), de stedelijke wateropgave (grondwateroverlast, riolering) en de baggeropgave (MKBA-waterbodems). Het doel is inzicht te verschaffen in de betekenis van deze opgaves. De resultaten van de Audit WB21 zullen bijdragen aan de besluitvorming in de Decembernota 2006 waarin de ‘totale wateropgave’ voor uitvoering van WB21 (kwantiteit) en Kaderrichtlijn Water (kwaliteit) wordt beschreven. De conceptrapportage Audit WB21 verschijnt eind oktober 2006.

Diversiteit in opgaven

Bedacht moet worden dat de analyse een momentopname is van een voortschrijdend (“iteratief”) proces. Het merendeel van de waterschappen geeft aan dat dit een eerste raming is die gebruikt kan worden voor een (maatschappelijke) kosten-batenanalyse en de integrale afweging. De totale wateroverlastopgave door inundatie vanuit het regionaal oppervlaktewatersysteem van €2,5 miljard is opgebouwd uit 26 waterschapsopgaven die een grote onderlinge diversiteit vertonen. De belangrijkste oorzaken van deze diversiteit in de opgaven zijn de verschillen in:

  • de berekeningsmethodieken en bijbehorende uitgangspunten en aannames
  • de toegepaste normen
  • het meenemen van voorgenomen beleid
  • de mate van overlap met andere opgaven (integraliteit)
  • het toepassen van een beleidsmatig-bestuurlijke afweging (beheerdersoordeel) en de gebruikte criteria
  • het toepassen van een kosten-batenanalyse bij de afweging van maatregelen.

Deze publicatie is alleen digitaal beschikbaar