Gevolgen voor Nederland van de EU thematische strategie voor luchtverontreiniging

01-11-2005 | Publicatie

De Europese Commissie heeft op 21 september j.l. de thematische strategie voor de bestrijding van luchtverontreiniging in Europa gepresenteerd. De luchtkwaliteit in Nederland zal sterk verbeteren door de voorstellen. Het zal echter voor Nederland moeilijk blijven om aan de huidige en nieuwe fijnstofnorm te voldoen, vooral omdat het voorgestelde Europese bronbeleid te kort schiet.

Aanleiding

De luchtvervuiling is sterk afgenomen in de afgelopen decennia. Toch kunnen de huidige niveaus van luchtverontreiniging tot negatieve effecten voor ecosystemen, gezondheidsklachten en zelfs vroegtijdige sterfte leiden. Jaarlijks overlijden mogelijk enkele duizenden of misschien zelfs enkele tienduizenden vroegtijdig in Nederland door luchtverontreiniging. Luchtverontreiniging is een grensoverschrijdend probleem. Zo is in Nederland de helft van de luchtverontreiniging afkomstig van buitenlandse bronnen, maar Nederland exporteert zelf een aantal malen meer luchtverontreiniging dan dat het ontvangt uit het buitenland. Een gemeenschappelijke Europese aanpak is daarom de beste manier om luchtverontreiniging te bestrijden.

Het voorstel

Om de luchtverontreiniging in Europa te bestrijden heeft de Europese Commissie een thematische strategie voor luchtverontreiniging opgesteld en een voorstel voor een nieuwe luchtkwaliteitrichtlijn. De belangrijkste voorstellen zijn:

  • Aanscherping van de emissieplafonds om de uitstoot van zwaveldioxide, stikstofoxiden, vluchtige organische verbindingen, ammoniak en fijn stof (PM2.5) te reduceren (tabel 1).
  • De huidige grenswaarden van fijn stof (PM10) en stikstofdioxide (NO2) blijven van kracht.
  • Een nieuwe grenswaarde voor de fijnere fractie van fijn stof (PM2.5) in 2010 van gemiddeld 25 µg/m3 per jaar.
  • Een reductiedoel om de blootstelling aan PM2.5 in steden met 20% te verminderen in de periode van 2010 tot 2020.
  • Een mogelijkheid voor derogatie van de ingangsdatum voor de grenswaarde van fijn stof (PM10 en PM2.5) en NO2 met maximaal 5 jaar.
  • Een mogelijkheid voor aftrek van natuurlijke bronnen bij beoordeling luchtkwaliteit. Deze aftrek betekent een versoepeling van de grenswaarden voor fijn stof. Voor Nederland zijn de bijdragen van zeezout en bodemstof aan de fijnstofconcentratie mogelijk relevant voor aftrek.
Tabel 1: EU voorstel voor vermindering van de uitstoot van luchtverontreiniging door bronbeleid in 2020 ten opzichte van 2000
Stof Reductie EU Reductie Nederland
Zwaveldioxide 82% 40%
Stikstofoxiden 60%

50%

luchtige organische verbindingen 51% 40%
Ammoniak 27% 30%
Fijn stof (PM2.5) 59% 20

Wat betekent het plan voor Nederland?

De luchtverontreiniging neemt met het voorgestelde bronbeleid fors af in Nederland. De concentratie van stikstofdioxide (NO2) neemt met het voorstel zover af dat overschrijdingen van de grenswaarde mogelijk in 2015 met lokale maatregelen kunnen worden opgelost. De grootschalige overschrijding van de grenswaarde voor fijn stof wordt waarschijnlijk opgelost, maar lokale overschrijdingen blijven bestaan. De overschrijdingen van fijn stof kunnen nog steeds ernstige economische en maatschappelijke gevolgen hebben als ze leiden tot afwijzing van ruimtelijke plannen. Voor Nederland zijn de kosten circa 330 miljoen euro per jaar om de voorgestelde emissieplafonds te realiseren. De kosten zijn voor Nederland een aantal keren lager dan de (gezondheids)baten. Vrijwel alle voorgestelde maatregelen in de strategie zijn kosteneffectief. De kosten voor maatregelen liggen bij de landbouw (35%), de industrie (35%) en het verkeer (25%).

Kan Nederland voldoen aan de voorgestelde eisen?

Met de nieuwe plannen is realisatie van de grenswaarde voor stikstofdioxide mogelijk mits de EU Nederland uitstel van de ingangsdatum verleend tot 2015. De grenswaarde voor fijn stof (PM10) blijft echter waarschijnlijk buiten bereik ook als zeezout in mindering wordt gebracht. Extra maatregelen op nationale en vooral op Europese schaal zijn nodig om deze grenswaarde in Nederland te realiseren. De effecten van maatregelen in Nederland zijn namelijk beperkt en duur en de bijdrage aan fijn stof door vervuiling uit het buitenland is groot. De nieuwe grenswaarde voor de fijnere fractie fijn stof (PM2.5) in 2010 is waarschijnlijk niet haalbaar. Als zeezout in mindering wordt gebracht is realisatie in 2020 mogelijk. Omdat de fijn stof grenswaarde voor PM10 strenger is leidt dit waarschijnlijk niet tot nieuwe gebieden met overschrijdingen voor fijn stof. Onbekend is het aandeel bodemstof van natuurlijke oorsprong dat in mindering kan worden gebracht bij het beoordelen van de fijnstofconcentratie. Het aandeel bodemstof in PM2.5 is veel beperkter dan in PM10. PM10 bevat een aandeel bodemstof dat bij aftrek een groot effect heeft op de grenswaarde. Een groot deel van bodemstof is echter waarschijnlijk niet van natuurlijke bronnen.

Wat is de relatie met het Prinsjesdagpakket?

De plannen van het kabinet in het prinsjesdagpakket zijn aanvullend op de plannen van de Commissie. Tot 2010 maken de plannen van het kabinet de lucht schoner en daarna worden de plannen van de Commissie effectief en overstijgen het bronbeleid van het kabinet. De EU voorstellen zullen daarbij de effecten van het Prinsjesdagpakket versterken door aanscherping van het bronbeleid in alle lidstaten. De extra kosten voor Nederland die per jaar moeten worden gemaakt voor de ambitie uit de strategie zijn circa 3 maal zo hoog als de kosten van de voorstellen in het Prinsjesdagpakket.