Halting biodiversity loss in the Netherlands: evaluation of progress

20-05-2008 | Publicatie

De biodiversiteit in Nederland is de afgelopen eeuw sterk achteruitgegaan. Deze achteruitgang neemt de laatste jaren geleidelijk af. Het in gang gezette milieu- en natuurbeleid begint zijn vruchten af te werpen, maar het is waarschijnlijk onvoldoende om de Europese afspraak na te komen om het verlies aan biodiversiteit te stoppen in 2010. De verminderde vermesting en verzuring hebben een positief effect op het verlies in biodiversiteit. Door uitbreiding van natuurgebieden neemt de leefruimte voor plant- en diersoorten toe. Echter, het aantal bedreigde soorten neemt toe en veel soorten die internationaal van belang zijn nemen af.

De biodiversiteit in Nederland neemt minder snel af, maar komt uit op een laag niveau

De lidstaten de Europese Unie zijn overeengekomen de achteruitgang van de biodiversiteit per 2010 te stoppen. Het PBL heeft nagegaan welke voortgang Nederland daarin heeft gemaakt. Het resultaat is gepresenteerd op 20 mei 2008 tijdens de '9th Conference of the Parties (COP 9) to the Convention on Biological Diversity (CBD)' in Bonn.

Belangrijkste bevindingen

  • Over het geheel genomen is de achteruitgang van de biodiversiteit niet gestopt. Het proces van homogenisatie, waarbij de natuur steeds eenvormiger wordt, gaat nog door.
  • Binnen de natuurlijke ecosystemen in Nederland gaat de achteruitgang van de biodiversiteit wel langzamer, maar de biodiversiteit komt uit op een laag niveau (ca. 15 %).
  • In heide, grasland en landbouwgebied gaat de biodiversiteit nog achteruit. Bossen en duinen laten verbetering zien.
  • De minder kwetsbare plant- en diersoorten gaan vooruit, maar de meest kwetsbare gaan juist achteruit. Het aantal soorten op de Rode Lijst is toegenomen.
  • De genetische variatie van landbouwgewassen en landbouwhuisdieren is klein en blijft afnemen.
  • De meeste soorten en habitats die van Europees belang zijn hebben een ongunstige staat van instandhouding.
  • De ecologische voetafdruk van de nationale consumptie komt overeen met ongeveer drie keer het oppervlak van Nederland.
  • De meeste milieudruk neemt af, maar niet in voldoende mate.
  • Duurzaam gebruik van natuurlijke hulpbronnen in bosbouw, landbouw en visserij is nog niet binnen bereik.
  • De Nederlandse bevolking is zich bewust van de noodzaak tot natuurbescherming, maar dit bewustzijn neemt wel af.

De voortgang is beoordeeld aan de hand van een set indicatoren die de Convention On Biological Diversity (CBD) heeft gekozen. Deze indicatoren zijn verder uitgewerkt in het project "Streamlining European biodiversity 2010" (SEBI 2010; EEA technisch rapport nummer 11/2007). Deze brochure is een eerste toepassing van de 2010-indicatoren in de Nederlandse situatie.

Andere rapporten over dit onderwerp

Achtergrondrapporten