Het landgebruik in 2030 - Een projectie van de Nota Ruimte

25-07-2005 | Publicatie

Het Milieu- en Natuurplanbureau heeft op verzoek van VROM/DGR een ex-ante evaluatie gemaakt van de Nota Ruimte "Milieu en Natuureffecten van de Nota Ruimte". In dit kader is een ruimtelijke projectie van het toekomstige landgebruik in 2030 gemaakt. Het voorgenomen beleid is hiervoor uitgewerkt in de LeefOmgevingsVerkenner.

Deze projectie laat zien dat de kans op verstedelijking in de toekomst het hoogst is bij de bestaande stedelijke gebieden. De ruimtedruk is het hoogst in de Randstad en rond de grote steden Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht. De ruimtelijke opgave in deze gebieden is zo groot dat, op de lange termijn, het moeilijk zal zijn om toekomstige ontwikkelingen een plaats te geven en verstedelijking in restrictieve gebieden te voorkomen.

De mate van verstedelijking in de nationale landschappen zal sterk afhangen van de doorwerking van het ruimtelijke beleid. Enerzijds krijgen gemeenten de gelegenheid om te bouwen voor de eigen behoefte, anderzijds zijn grootschalige uitbreidingen in de nationale landschappen niet toegestaan. De geleidelijk verdergaande verstedelijking zal op de lange termijn afbreuk doen aan de landschappelijke waarden. In de meeste bundelingsgebieden is er voldoende ruimte beschikbaar om alle ontwikkelingen tot 2030 een plaats te geven behalve in de Randstad en Limburg. Vooral in Noord-Holland en Limburg is de ruimte in de bundelingsgebieden op de lange termijn beperkend. Er zal wel voldoende ruimte zijn voor nieuwe woongebieden en bedrijfsterreinen maar niet voor water, recreatie en groen.