Planmonitor Nota Ruimte: de mogelijkheden op een rij

19-06-2008 | Publicatie

De rijksoverheid wil het liefst al in de planfase weten welke effecten bouwprojecten hebben op de doelen van haar ruimtelijk beleid. Het Planbureau voor de Leefomgeving heeft onderzocht wat de mogelijkheden zijn om de effecten van bouwplannen systematisch te monitoren. Het onderzoek naar de mogelijkheden van een dergelijke Planmonitor laat zien dat dit vooral mogelijk is voor doelen die direct gebonden zijn aan ruimtelijke patronen, zoals bundeling, verstedelijking en migratie in nationale landschappen. Voor een goede bruikbaarheid van de Planmonitor is een verbetering van de bestaande inventarisaties van plannen wenselijk.

Ontwikkeling verstedelijking tot 2015 goed in beeld te brengen

Het Planbureau voor de Leefomgeving heeft op verzoek van Minister van VROM onderzocht of ruimtelijke effecten van bouwplannen in beeld gebracht kunnen worden. De rijksoverheid wil het liefst reeds in de planfase weten welke effecten bouwprojecten hebben voor de doelen van haar ruimtelijk beleid. In die fase is bijstelling van het beleid namelijk nog mogelijk. De belangrijkste conclusies zijn:

Meerwaarde Planmonitor

Een Planmonitor is een nuttige aanvulling op reeds beschikbare informatie, zoals bestemmingsplannen en toekomstverkenningen. De meerwaarde ten opzichte van bestemmingsplannen is dat informatie beschikbaar is op een moment dat bijsturing van beleid nog mogelijk is. Bestemmingsplanen worden namelijk pas vlak voor uitvoering vastgesteld. In vergelijking met toekomstverkenningen levert een Planmonitor ruimtelijk gedetailleerdere uitspraken over waarschijnlijke in plaats van mogelijke ruimtelijke ontwikkelingen.

Beperkingen

Niet alle doelen van de Nota Ruimte lenen zich voor monitoring op basis van uitsluitend plannen. Effecten van plannen op bevolkingssamenstelling en kwaliteit, zoals biodiversiteit of kernkwaliteiten landschap, zijn namelijk slechts indirect met modelberekeningen uit plannen af te leiden. Dit is niet mogelijk zonder aanvullende aannamen, waardoor voor deze doelen een scenario-aanpak noodzakelijk is. Beperk de Planmonitor tot doelen die direct gerelateerd zijn aan het ruimtelijk patroon van de verstedelijking.

Betrouwbaarheid

Ruimtelijk ontwikkelingen in de toekomst, ook op termijn van enkele jaren, zijn per definitie onzeker. Met name de snelheid waarmee plannen daadwerkelijk worden uitgevoerd, is een bron van onzekerheden. Planinventarisaties zijn nog te kort beschikbaar om goed te kunnen beoordelen of deze een betrouwbaar beeld geven van te verwachten ruimtelijke ontwikkelingen. De resultaten tot nu toe wekken de indruk dat de onzekerheid op het niveau van individuele plannen groot is, maar ook dat van de ontwikkeling van bovengenoemde doelen een redelijk betrouwbaar beeld kan worden gegeven. Ga over enkele jaren uitgebreider na in hoeverre de plannen een betrouwbaar beeld geven van de te verwachten ontwikkelingen.

Randvoorwaarden

Een Planmonitor is alleen mogelijk als plannen van decentrale overheden zo compleet mogelijk en op vergelijkbare wijze worden verzameld, gecontroleerd, opgeslagen en geactualiseerd. De bestaande planinventarisaties zoals de Nieuwe Kaart van Nederland en IBIS slagen daar om begrijpelijke redenen nog niet op alle punten voldoende in. Enkele aanbevelingen voor verbetering van de Nieuwe Kaart van Nederland zijn: een duidelijkere afbakening van het doel, opschonen en aanvullen van het huidige bestand, betere documentatie van het werkproces, betere afstemming van de Nieuwe Kaart met de IBIS-enquĂȘte en provinciale inventarisaties van planvoorraad woningen. Blijf daarom investeren in bestaande landelijke planinventarisaties, zoals de Nieuwe Kaart en IBIS.