Regio’s denken verschillend over kansen voor middeninkomens

02-04-2013 | Publicatie

De staatssteunregeling (sinds 1-1-2011) verplicht woningcorporaties om minimaal negentig procent van de vrijkomende sociale huurwoningen toe te wijzen aan huishoudens met een laag inkomen. Er is veel discussie over deze regeling geweest: middeninkomens komen hierdoor moeilijker aan een woning. Het PBL (Planbureau voor de Leefomgeving) heeft onderzocht hoe deze regeling in verschillende regio’s doorwerkt.

Uit dat onderzoek blijkt dat er regionaal grote verschillen zijn. In Friesland en Zeeuws-Vlaanderen blijkt er geen probleem te zijn: de woningprijzen zijn laag, de woningmarkt is ontspannen en middeninkomens kunnen hier wel gemakkelijk een woning vinden. In regio’s als Amsterdam en Arnhem-Nijmegen is de druk op de woningmarkt sowieso al hoog. De staatssteunregeling leidt hier tot lagere kansen voor middeninkomens. In andere stedelijke regio’s zoals Eindhoven en Rijnmond lijken de problemen opvallend genoeg mee te vallen. De oorzaak hiervoor is dat sociale huurwoningen in deze regio niet erg aansluiten bij de woonwensen van middeninkomens. Als middengroepen zoeken, kijken ze in deze regio’s minder snel naar de sociale huursector.