Logo van het Planbureau voor de Leefomgeving
Naar het hoofdmenuNaar de subnavigatieNaar de hoofdinhoud

Enquête bevestigt wetenschappelijke consensus over door de mens veroorzaakte opwarming

Nieuwsbericht | 11-08-2014

Een in 2012 gehouden enquête onder klimaatwetenschappers toont aan dat er brede overeenstemming bestaat over de overheersende invloed van antropogene broeikasgassen op de huidige opwarming van de aarde. Deze mate van overeenstemming is het sterkst voor respondenten met meer ‘peer-reviewed’ publicaties. Degenen die de menselijke invloed op klimaatverandering als onbeduidend aanmerken melden dat ze het meest frequent in de media komen met betrekking tot hun standpunten over klimaatverandering.

De enquête is in 2012 uitgevoerd door het PBL (Planbureau voor de Leefomgeving), in samenwerking met onderzoekers uit Nederland en Australië. Meer dan 1800 internationale wetenschappers op het brede gebied van klimaatverandering, inclusief bijvoorbeeld klimatologie, klimaateffecten en mitigatie, hebben de vragenlijst ingevuld.

Consensus over de menselijke oorzaak van klimaatverandering

De onderzoekers vonden dat bij toenemende deskundigheid of ervaring in klimaatwetenschap, de mate van overeenstemming over de bijdrage van broeikasgassen aan de opwarming ook toenam. Zo is 90% van de respondenten met meer dan tien ‘peer-reviewed’ publicaties op het gebied van klimaat (ongeveer de helft van alle respondenten) het erover eens dat door de mens veroorzaakte broeikasgassen de belangrijkste oorzaak zijn van de recente opwarming. Dit is in overeenstemming met ander onderzoek. Analyses van de vakliteratuur vinden over het algemeen een nog sterkere consensus dan opiniepeilingen zoals deze enquête. Dit komt omdat er een sterkere consensus is onder de meest publicerende – en wellicht dus ook de meest deskundige- klimaatwetenschappers.

Link to infographic: ''
Link to infographic: 2''

Hoe meer peer-reviewed publicaties over klimaat de respondenten aangeven te hebben geschreven, hoe belangrijker ze denken dat de bijdrage van broeikasgassen (BKG) is aan de opwarming. Het aantal antwoorden is weergegeven als een percentage van het aantal respondenten (n) in elke deelgroep, gegroepeerd naar het door henzelf aangegeven aantal publicaties.

Media-aandacht

Respondenten werd ook gevraagd hoeveel aandacht zij in de publieke media krijgen voor hun standpunten over klimaatverandering. Respondenten die de klimaatgevoeligheid voor CO2 als laag inschatten (minder dan 1,75 graden per verdubbeling van de CO2 concentratie) geven aan de meeste media-aandacht te krijgen. Ook degenen die broeikasgassen een onbeduidende rol toedichten in klimaatverandering behoorden volgens eigen zeggen tot diegenen die het meest frequent in de media komen. Dit toont aan dat ‘klimaatsceptische’ meningen in de publieke media vaker voorkomen dan in de wetenschappelijke gemeenschap. Dit draagt waarschijnlijk bij aan de kloof tussen de maatschappelijke en de wetenschappelijke discourse over klimaatverandering.

Link to infographic: ''
Link to infographic: 2''

Het percentage van de respondenten die melden "zeer frequente" media aandacht te krijgen is het grootste voor degenen die klimaat gevoeligheid laag inschatten (< 1,75 graden voor een verdubbeling van de CO2-concentratie). n is het aantal respondenten voor de betreffende range van klimaatgevoeligheidsinschattingen.

Contact

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Persvoorlichting (070-3288688 of persvoorlichting@pbl.nl).