Energie is ruimte

26-05-2003 | Publicatie

Het Nederlandse ruimtelijk beleid moet nu al anticiperen op een grotere capaciteit aan windenergie dan de huidige beleidsdoelstelling voor 2020. Windenergie heeft in het wind­rijke Nederland als duurzame bron een aanzienlijk potentieel, vooral op de Noordzee. Als het huidige energiebeleid gericht op duurzame energie succesvol is, moet het mogelijk zijn om meer molens te plaatsen dan nu wordt voorzien. Ruimte mag dan geen beper­king zijn.

Energie vraagt meer ruimte

Energie heeft altijd al een grote invloed gehad op de ruimte. De overgang naar nieuwe, duurzamer energiesystemen, die in het Nederlandse én internationale beleid wordt gestimuleerd, zal eveneens ruimtelijke gevolgen hebben. Omgekeerd kun­nen ruimtelijke beperkingen die transitie afremmen. Het is een discussie die tot nu toe nauwelijks is gevoerd.

Behalve de reserveringen voor grootschalige windmolenparken is het zaak ook aandacht te hebben voor een uitgewerkte energie-infrastructuur op de Noordzee alsmede haven­ruimte die nodig is voor opslag van onderdelen, plaatsing en reparaties. De toekomst voor grootschalige opwekking van energie uit biomassa lijkt minder voor de hand te liggen. Wel biedt de infrastructuur van havens en petrochemische industrie kansen voor grootschalige import en verwerking van biomassa. Hiernaast constateert het Ruimtelijk Planbureau dat het gebruik van LPG als autogas gepaard gaat met een hoog indirect ruimtegebruik. De vereiste veiligheidszones belemmeren op veel plaatsen de ruimtelijke ontwikkeling. Het is de vraag of dit gezien de vele ruimteclaims verantwoord is.

De rapporten worden uitgegeven bij NAi Uitgevers te Rotterdam en zijn te bestellen via de boekhandel, telefonisch bij NAi Uitgevers (010 4401203) en via de website van het NAi.