Logo van het Planbureau voor de Leefomgeving
Naar het hoofdmenuNaar de hoofdinhoud

Broeikasgas impact van biobrandstoffen

Rapport | 12-01-2016

De studie ‘Greenhouse gas impact of bioenergy pathways’ verkent  de broeikasgas impact van verschillende vormen van conventionele en geavanceerde vloeibare en vaste biobrandstoffen. De studie, geschreven in opdracht van het International Renewable Energy Agency (IRENA), combineert schattingen van emissies in de productieketen van vloeibare en vaste biobrandstoffen en directe en indirecte emissies van daaruit voortvloeiende landgebruiksveranderingen met verschillende energietoepassingen: als transportbrandstof, voor elektriciteit en warmte. Daarnaast is gekeken naar de koolstofimpact van het gebruik van biomassa voor energietoepassingen uit de bosbouwsector in termen van emissies, ‘koolstofschuld’ en ‘terugverdientijden’.

Sterk uiteenlopende emissies

De hoeveelheid emissies die worden veroorzaakt bij de groei, productie en het transport van vloeibare biobrandstoffen, loopt uiteen van ongeveer 20 gram CO2-equivalent per megajoule (gCO2eq/MJ) voor geavanceerde biobrandstoffen tot bijna 60 gCO2eq/MJ voor ethanol uit graan. De koolstofimpact van vaste biobrandstoffen, zoals bijvoorbeeld houtpellets, ligt tussen 8 en 30 gCO2eq/MJ. Grote bronnen van onzekerheid zijn de veldemissies van N2O en de veronderstelde opbrengsten van houtige gewassen.

Emissies van landgebruiksveranderingen op basis van economische studies die gebruikmaken van algemene of partiele evenwichtsmodellen, liggen tussen 3 en 61 gCO2eq/MJ voor conventionele bio-ethanol en tussen 7 en 94 gCO2eq/MJ voor conventionele biodiesel. Bij de  laatste speelt het gebruik van veengronden een belangrijke rol.

Kosten, baten en beleid bio-energie

Het gebruik van bio-energie kan leiden tot kostenbesparing ten opzichte van het gebruik van fossiele alternatieven, en dan vooral als er een prijs betaald zou worden voor de uitstoot van broeikasgassen. Echter, kosten en baten zijn sterk afhankelijk van het klimaatbeleid en de regels en wetten die gelden in de verschillende landen die betrokken zijn bij de hele productieketen van een biobrandstof. De negatieve gevolgen van het grootschalige gebruik van bio-energie voor natuurlijke ecosystemen kan worden beperkt door maatregelen ter beperking van landconversie. Vooral maatregelen ter bescherming van natuurlijke bosgebieden met hoge biodiversiteit kunnen daarbij nuttig zijn.

Auteur(s)Bart Strengers; Koen Overmars; Tom Kram; Jan Ros
Rapportnr.1907
Publicatiedatum12-01-2016
TaalEngels