Nieuwe mondiale klimaatscenario’s: Hoogste emissie scenario aangepast
In een publicatie in Geoscientific Model Development beschrijft een groep klimaatwetenschappers onder leiding van Detlef van Vuuren een nieuwe set mondiale emissiescenario’s die de basis zullen vormen van veel klimaatonderzoek in de komende jaren en de toekomstige IPCC-rapporten. Twee belangrijke aanpassingen zijn dat het hoogste mondiale emissiescenario lager uitkomt dan in eerdere scenarioreeksen, en dat het onderste emissiescenario niet meer onder de 1,5oC blijft. Het eerste komt onder meer doordat hernieuwbare energie concurrerender is geworden, maar daarmee zijn de ingrijpende gevolgen van klimaatverandering zeker niet afgewend.
Het nieuwe hoge scenario leidt nog steeds tot forse klimaatverandering, terwijl onzekerheden in het klimaatsysteem betekenen dat mondiale temperatuurstijging zelfs tot ver boven de 4oC kan uitkomen in 2100. Het feit dat de lage emissiepaden minder gunstig zijn geworden betekent dat de Parijsdoelstelling van 1,5 °C niet langer haalbaar is zonder een tijdelijke overschrijding.
Nieuwe mondiale klimaatscenario’s
In klimaatonderzoek spelen scenario’s een belangrijke rol om mogelijke langetermijngevolgen van huidige keuzes en trends te verkennen. Het gaat bijvoorbeeld om inschattingen van de gevolgen van huidig beleid, de mogelijke risico’s van zogenoemde worst case scenario’s en ook om in te schatten wat nodig is om extreme klimaatverandering te voorkomen. Om deze scenario’s te ontwikkelen moeten mondiale onderzoeksgroepen wereldwijd samenwerken. Daarom worden met enige regelmaat afspraken gemaakt over gezamenlijk te ontwikkelen scenario’s op basis van de meest recente inzichten (in het kader van Climate Modeling Intercomparison Project, CMIP).
Het ontwerp van de scenario’s voor CMIP7 is in april 2026 gepubliceerd in Geoscientifc Model Development door een groep wetenschappers onder leiding van Detlef van Vuuren (PBL, Universiteit Utrecht). De set bevat zeven scenario’s die de komende jaren de ruggengraat zullen vormen van wereldwijd klimaatonderzoek. De scenario’s zijn geformuleerd in de vorm van emissiepaden. In de komende jaren worden ze in detail doorgerekend om de gevolgen van klimaatverandering te bepalen. Er zijn een paar opvallende veranderingen: zo ligt het hoogste emissiescenario nu onder dat van de vorige set scenario’s, maar is – aan de andere kant – het laagste scenario juist minder laag dan voorheen.
Emissies in het hoogste scenario lager dan in eerdere worst-case scenario’s…
Het hoogste emissiescenario is een basis om te verkennen wat de mogelijke gevolgen van klimaatverandering kunnen zijn als alles tegenzit. Het is namelijk belangrijk om ervoor te zorgen dat we ook voorbereid zijn op ongewenste ontwikkelingen. Dit hoogste scenario gaat uit van een situatie van veel gebruik van fossiele brandstoffen. Het hoogste scenario blijkt nu qua emissies lager uit te komen dan het vorige hoogste scenario (ook wel RCP8.5 of SSP585 genoemd). Daarvoor zijn drie belangrijke redenen. Allereerst hebben de emissies de afgelopen jaren vooral het midden-scenario gevolgd. Alleen daardoor vallen nieuwe projecties al lager uit. Daarnaast is de bijdrage van hernieuwbare energie de afgelopen jaren veel sneller gegroeid dan verwacht vanwege lagere kosten. Hierdoor is de verwachting dat het gebruik van fossiele brandstoffen niet heel snel meer zal toenemen. Tenslotte wordt, zij het nog beperkt, klimaatbeleid gevoerd.
… maar gevaarlijke klimaatverandering blijft mogelijk
Hoewel de emissies in het hoogste CMIP7 scenario deze eeuw lager liggen dan in de vorige versie, (CMIP6) betekent dit niet dat gevaarlijke klimaatverandering is afgewend. Allereerst bedraagt de verwachte opwarming in dit scenario nog steeds circa 3,5°C ten opzichte van het pre-industriële niveau — een niveau waarbij zeer ernstige klimaatgevolgen worden verwacht. Bovendien moeten we er rekening mee houden dat de gevoeligheid van het klimaatsysteem hoger kan zijn dan onze beste schatting. In dat geval kan de temperatuurstijging nog steeds gemakkelijk boven de 4°C uitkomen. Omdat de mondiale temperatuur de afgelopen jaren sterker is gestegen dan verwacht, is zo’n sterke temperatuurstijging zeker niet uitgesloten. Daarnaast blijft de temperatuur in het hoge emissiescenario ook na 2100 verder stijgen en wordt, naar verwachting, rond 2150 het niveau bereikt dat eerder voor 2100 werd geprojecteerd.
Er zijn geen scenario’s meer die onder de 1,5°C blijven
Aan de onderkant van de range verkennen verschillende scenario’s wat nodig is om gevaarlijke klimaatverandering te voorkomen en te voldoen aan de doelen van het Parijsakkoord. Eerder was het nog mogelijk om emissiepaden te ontwerpen waarmee de opwarming rond de 1,5°C bleef. Omdat de emissies de afgelopen jaren verder zijn gestegen, is dat nu niet meer mogelijk. Zelfs de meest optimistische scenario’s komen pas aan het eind van deze eeuw weer uit rond de 1,5°C, na een forse overschrijding (overshoot) van minstens 0,2 tot 0,3°C. Dat betekent dat er meer aandacht nodig is voor klimaatimpact en klimaatadaptatie. Naast de inzet van intensieve emissiereductie zal ook moeten worden ingezet op het verwijderen van CO₂ uit de atmosfeer.
Verder onderzoek
De klimaatscenario’s zullen de komende jaren verder worden onderzocht in klimaatstudies wereldwijd om zo de mogelijke gevolgen van klimaatverandering vast te stellen. Uiteindelijk zullen de emissiescenario’s, de uitkomsten van klimaatmodellen en de inschattingen van klimaatgevolgen worden gebruikt in het IPCC-rapport dat naar verwachting in 2028/2029 verschijnt.
Betekenis voor Nederland
Het Nederlandse klimaatbeleid gaat uit van de Europese ambitie om in 2050 klimaatneutraal te zijn, om zo te voldoen aan de verplichtingen uit het Parijsakkoord. Deze opgave verandert niet door de nieuwe mondiale scenario’s. In de KEV verkent het PBL de consequenties van het huidige Nederlandse klimaatbeleid voor het energiesysteem en de uitstoot van broeikasgassen. Er is op dit moment geen reden om van andere scenario’s uit te gaan dan die nu worden gebruikt: zowel de onderkant als de bovenkant van de recente klimaatscenario’s van het KNMI blijven mogelijk en geven nog steeds de range van mogelijke uitkomsten weer. De KNMI-klimaatscenario’s vormen daarmee ook een robuuste basis voor keuzes voor een klimaatbestendige leefomgeving die in een recent verschenen adaptatiestudie van het PBL zijn beschreven. In de komende jaren zullen deze scenario’s opnieuw worden geëvalueerd op basis van de nieuwe IPCC-rapporten.
Kenmerken
- Publicatietitel
- The Scenario Model Intercomparison Project for CMIP7 (ScenarioMIP-CMIP7)
- Publicatiedatum
- 7 april 2026
- Publicatie type
- Artikel
- Aantal pagina's
- 30
- Publicatietaal
- Engels
- Tijdschrift
- Geoscientific Model Development
- Uitgave
- Volume 19, issue 7