PBL-reactie op het concept Nederlands actieplan duurzame gewasbescherming

23-08-2012 | Publicatie

De gezamenlijke aanpak van overheden, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties biedt goede kansen voor verdere verduurzaming van de gewasbescherming in Nederland. Om de gekozen aanpak te doen slagen is het wel nodig dat de overheid afrekenbare doelen stelt en waar nodig tot eenduidige regelgeving komt. Dit concludeert het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) in haar reactie aan het ministerie van Infrastructuur en Milieu.

Heldere doelen en regelgeving noodzakelijk

De gekozen aanpak waarbij overheden, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van het actieplan leidt tot draagvlak. Bij een breed gedragen ‘governance’-benadering is het wel van belang dat de overheid duidelijke doelen en randvoorwaarden stelt en waar nodig tot regelgeving komt. Eén van de belangrijkste conclusies van de evaluatie van de Nota Duurzame Gewasbescherming is dat juist regelgeving ervoor gezorgd heeft dat de milieubelasting in de periode 2000-2010 substantieel omlaag is gebracht.

Voor de verbetering van de kwaliteit van het oppervlaktewater (ten behoeve van drinkwatervoorziening en ecologische kwaliteit) gelden pas doelen in 2027, ver buiten de periode van het actieplan (2013 tot 2018). Voor de arbeidsveiligheid van medewerkers in de tuinbouw zijn geen streefcijfers en maatregelen vastgesteld, terwijl juist die als zorgpunt naar voren kwam uit de evaluatie van de nota Duurzame gewasbescherming.

Het ministerie van Infrastructuur en Milieu publiceerde het concept Nederlands actieplan duurzame gewasbescherming in de Staatscourant van 16 juli 2012. Gedurende een periode van zes weken is er de mogelijkheid om reacties en kanttekeningen in te dienen.