Logo van het Planbureau voor de Leefomgeving
Naar het hoofdmenuNaar de hoofdinhoud

Effect voorstel CO2-heffing PvdA

Rapport | 18-06-2019

Op verzoek van de Partij van de Arbeid heeft het PBL het effect geanalyseerd van een voorstel tot introduceren van een CO2-heffing in Nederland. Het voorstel betreft een in de tijd oplopende heffing op de CO2-uitstoot van bedrijven in de industrie en de glastuinbouw.

De analyse is gericht op het effect van het voorstel op de broeikasgasemissies in Nederland, en op het effect in de industrie in het bijzonder. Ook is gekeken naar de bijbehorende nationale kosten. Vanwege een vereenvoudigde aanpak en het ontbreken van specifieke details van het voorstel geeft de analyse slechts een indicatief beeld van de verwachte effecten.

De analyse concludeert dat de CO2-heffing kan leiden tot reductie van de industriële uitstoot in Nederland met tussen 12 – 20 (bij 40% vrijstelling), 13 – 22 (bij 20% vrijstelling) of 14 – 23 megaton (zonder vrijstelling), afhankelijk van het aandeel in de emissies dat onder de vrijstellingsregeling zou vallen. Het effect is afhankelijk van voldoende investeringsbereidheid bij bedrijven om, bovenop de door de heffing afgedwongen investeringen, (vrijwillig) gebruik te maken van de SDE++-middelen. Wanneer de investeringsbereidheid van bedrijven beperkt is, zal het totale emissie-effect meer steunen op alleen de heffing. Dan zou de effectbandbreedte dus beduidend lager liggen.

Een beperkt deel (2 – 8%) van de emissiereductie komt doordat de heffing zal leiden tot verplaatsing van industriële productieactiviteiten naar het buitenland. Verplaatsing leidt ertoe dat dit deel van de in Nederland geboekte milieuwinst in het buitenland teniet wordt gedaan. De weglek kan hoger uitvallen in verband met geconstateerde risico’s op beslissingen van grote energie-intensieve bedrijven over de productieomvang in Nederland, die vanwege hun discrete karakter moeilijk kunnen worden meegewogen.

Het nemen van technische reductiemaatregelen in de industrie leidt tot extra elektriciteitsvraag van 5 – 20 TWh ten opzichte van het ontwerp-Klimaatakkoord. Deze vraag kan deels in Nederland en deels elders tot extra uitstoot leiden, afhankelijk van de manier waarop deze wordt opgewekt. Hierdoor kan de milieuwinst In Nederland en op mondiale schaal per saldo verder verkleinen.De extra uitstoot in Nederland is geraamd op 0 – 2,5 Mton. De extra uitstoot door elektriciteitsopwekking op wereldschaal is niet bepaald, maar kan significant zijn.

De nationale kosten van de maatregelen in de industrie in 2030 zijn geraamd op 300 – 1100 miljoen euro (zonder ontheffing), 350 – 1100 miljoen euro (bij 20% ontheffing) respectievelijk 400 – 900 miljoen euro (bij 40% ontheffing). De nationale kosten die met de productie en transport van de extra elektriciteitsvraag gemoeid zijn bedragen 50 – 300 miljoen euro in 2030.

Auteur(s)Michiel Hekkenberg, Jan Ros, Corjan Brink, Robert Koelemeijer, Paul Koutstaal
Rapportnr.3714
Publicatiedatum18-06-2019
TaalNederlands