Reflectie CPB en PBL op Coalitieakkoord
Het Centraal Planbureau (CPB) en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) hebben op verzoek van de formerende partijen effecten geanalyseerd van het coalitieakkoord op eenzelfde wijze als bij de analyse van de verkiezingsprogramma’s in 2025. De analyse is gebaseerd op de aangeleverde tabel met budgettaire maatregelen, aangevuld met enkele normeringen op het terrein van klimaat en stikstof (zie het overzicht maatregelen in de publicatie).
Het PBL heeft daarbij de effecten op lange termijn op de uitstoot van broeikasgassen en stikstof geanalyseerd. Ook zijn de effecten voor de natuur beschouwd. Effecten voor onder meer de betaalbaarheid van energie, de betrouwbaarheid van de energievoorziening en geo-politieke afhankelijkheid maken dus geen deel uit van onze analyse. Hieronder volgt een nadere toelichting op de bijdrage vanuit het PBL.
Stikstofreductie
Het kabinet trekt tot en met 2035 20 miljard euro uit voor een maatregelenpakket gericht op landbouwhervormingen en natuurherstel. Daarmee wordt een grotere stap gezet richting het halen van de stikstofdoelen dan in het ‘basispad’ – het effect dat op basis van de huidige beleidsafspraken verwacht wordt. De eigen stikstofdoelen uit het coalitieakkoord worden echter niet gehaald. Door subsidies voor vrijwillige stoppersregelingen krimpt de veestapel en door subsidies voor landbouwtechnieken nemen bijvoorbeeld emissiearme stallen toe. Het coalitieakkoord bevat ook voornemens voor regelgeving, bijvoorbeeld rondom ‘doelsturing’ of in zones rondom natuur. Die maatregelen moeten nog worden uitgewerkt en daarom kon daarvan nog geen effect worden bepaald. Daarnaast bestaat het risico dat niet alle subsidiebudgetten kunnen worden besteed. De uitstoot van stikstofoxiden uit de industrie daalt als gevolg van elektrificatie door het klimaatbeleid. In de mobiliteitssector is er geen wijziging ten opzichte van het basispad.
Natuurherstel
Vooral de subsidiebudgetten voor extensieve landbouw en agrarisch natuurbeheer in zones rondom kwetsbare natuur- en watergebieden kunnen bijdragen aan natuurherstel. Ruim de helft van het budget wordt daaraan besteed. Daarmee kunnen naast stikstof ook andere knelpunten zoals verdroging worden aangepakt. Volledige budgetbesteding vergt afspraken met medeoverheden over de aanpak en een forse versnelling van beleid dat nu nog op relatief beperkte schaal plaatsvindt. Het coalitieakkoord voorziet niet in budget om natuurgebieden te vergroten. Om alle wettelijk beschermde natuur duurzaam te herstellen en op de lange termijn te voldoen aan de Natuurherstelverordening, is een uitbreiding van leefgebieden wel nodig.
Klimaat
Het coalitieakkoord voorziet in extra subsidies voor de verduurzaming van de industrie via onder meer de zogenoemde SDE++ en verlaging van de elektriciteitsprijzen. Hierdoor neemt het elektriciteitsgebruik toe en de CO2-emissies in de industrie af. Ook de toename van wind op zee wordt gestimuleerd door subsidies waardoor emissies in de elektriciteitssector zullen dalen en de export van elektriciteit kan toenemen. Door de verplichting van hybride warmtepompen zullen de emissies in de gebouwde omgeving licht dalen. In de landbouw dalen de emissies door krimp en door de verplichting om koeien methaanremmers te voeren. Om de klimaatdoelen in 2050 te realiseren, is aanvullend beleid nodig.
Kenmerken
- Publicatietitel
- Analyse coalitieakkoord 2026-2030
- Publicatiedatum
- 20 februari 2026
- Publicatie type
- Rapport
- Aantal pagina's
- 35
- Publicatietaal
- Nederlands
- Productnummer
- 6171