Schoon en Zuinig in breder perspectief

06-04-2009 | Publicatie

Het Werkprogramma Schoon en Zuinig waarin klimaat- en energiedoelen voor het jaar 2020 zijn geformuleerd draagt er niet alleen aan bij dat de broeikasgasemissie in 2020 zal zijn teruggedrongen. Ook stimuleert het een afname van de luchtverontreiniging tot 2020 en de ontwikkeling van schone technologie op de lange termijn (2050).

Luchtkwaliteit en schone energietechnologie profiteren van klimaatbeleid Schoon en Zuinig

Luchtkwaliteit

Het voorgenomen klimaatbeleid van het Werkprogramma Schoon en Zuinig, dat gericht is op het halen van klimaat- en energiedoelen in 2020, draagt ook bij aan een vermindering van de luchtverontreiniging. De synergie treedt vooral op bij de sluiting van ‘oude’ elektriciteitscentrales: centrales die overbodig worden door elektriciteitsbesparing en een toename van windenergie. Ook energiebesparing en de afname van het aantal gereden autokilometers draagt bij aan de synergie.

Schone energietechnologie

Daarnaast draagt het Werkprogramma Schoon en Zuinig bij aan de ontwikkeling van schone energietechnologieën die nodig zijn om de klimaatdoelstellingen voor de lange termijn te halen. Voorbeelden zijn wind op zee en kolencentrales met afvang en ondergrondse opslag van CO2.

Sommige andere opties van Schoon en Zuinig zijn niet schoon genoeg om de op termijn gewenste afname van de uitstoot van broeikasgassen te realiseren in Nederland. Dit geldt bijvoorbeeld voor de nieuwe elektriciteitscentrales op aardgas zonder afvang en opslag van CO2 en voor de huidige generatie biobrandstoffen voor het verkeer.

Het rapport laat zien hoe het klimaatbeleid de luchtkwaliteit efficiënt verbetert en een bijdrage levert aan de ontwikkeling van schone energietechnologie voor de lange termijn.

Het verwachte effect van het Werkprogramma Schoon en Zuinig in 2020 is gebaseerd op de beoordeling van het Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) en Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) uit 2007.

Meer informatie: