Veroudering en herstructurering op bedrijventerreinen

03-07-2009 | Publicatie

Hoe betrouwbaar zijn de beschikbare gegevens over veroudering en herstructurering van bedrijventerreinen? Welke mogelijkheden zijn er om de verouderde terreinen her te gebruiken voor grootschalige logistiek en woningbouw? En hoe groot is de extra herstructureringsopgave die in de nabije toekomst wordt veroorzaakt door een afname van het ruimtebeslag op terreinen door met name nijverheidsbedrijven? Deze achtergrondstudie gaat in op deze en andere vragen.

De achtergrondstudie maakt deel uit van de onderzoeksreeks De Bedrijfslocatiemonitor, die het Planbureau voor de Leefomgeving uitbrengt in samenwerking met het ministerie van Economische Zaken en het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer.

Omvang van veroudering en herstructurering

Er bestaat geen betrouwbaar beeld van de huidige omvang van veroudering van het bedrijventerreinenareaal. De enige landsdekkende gegevens die beschikbaar zijn, zijn de gegevens van het Integrale Bedrijventerreinen Informatiesysteem (IBIS), maar deze zijn van onvoldoende kwaliteit. Om de nationale herstructureringsopgave nauwkeuriger te kunnen vaststellen, zijn betrouwbare gegevens noodzakelijk en moet er worden nagedacht over een goede schattingsmethodiek.

Herstructureringsmogelijkheden

Op nationaal niveau blijkt een derde tot hooguit twee derde van het verouderde bedrijventerreinenareaal geschikt te zijn om, na herstructurering, te worden hergebruikt voor logistieke bedrijvigheid of woningbouw. Voor het overige deel moet een andere bestemming worden gevonden. In Noord-Brabant zijn relatief gezien de meeste mogelijkheden voor deze vorm van hergebruik; in Friesland, Groningen en Limburg relatief de minste.

Extra opgave door sectorale krimp

Een extra herstructureringsopgave wordt veroorzaakt door de daling van de ruimte die de sector nijverheid in de toekomst op terreinen inneemt. Het gaat hier om industriële panden die doorgaans incourant zijn. De verwachting is dan ook dat een groot deel geherstructureerd moet worden. Hier ligt een aanzienlijke beleidopgave.

In de periode van 2020 tot 2030 zijn er provincies waar deze extra herstructureringsopgave groter is dan de uitbreidingsvraag. Zelfs als alle uitbreiding wordt opgevangen op geherstructureerde terreinen, zal er in die provincies structurele leegstand zijn. Als hergebruik als optie wegvalt, moet er dringend worden nagedacht over de toekomst van dit areaal, in het bijzonder over de financiering van de herstructurering.

Gerelateerde publicaties