Conceptadvies SDE++ 2021 CO2-afvang en -gebruik in de glastuinbouw (CCU)

07-05-2020 | Rapport

Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat heeft het PBL gevraagd advies uit te brengen over de openstelling van de SDE++ (Stimuleringsregeling Duurzame Energietransitie) in 2021. Het PBL heeft hierbij ondersteuning gevraagd van TNO EnergieTransitie. Deze notitie bevat het conceptadvies met betrekking tot CO2-afvang en -gebruik in de glastuinbouw.

De SDE+ is sinds 2011 het belangrijkste instrument voor de stimulering van de opwekking van hernieuwbare energie in Nederland. Binnen deze regeling wordt jaarlijks de kostprijs van hernieuwbare energie van diverse technologieën bepaald, binnen de SDE+-regeling aangeduid als het basisbedrag. Daarnaast zijn ook het correctiebedrag en de basisprijs belangrijke componenten van de SDE+-regeling.

Verbreding naar SDE++

In 2020 is de bestaande SDE+-regeling verbreed naar de SDE++. Nieuw hierbij was dat naast categorieën voor de productie van hernieuwbare energie ook CO2-reducerende opties anders dan hernieuwbare energie in aanmerking komen voor subsidie, de verbredingsopties. Voor het advies voor de SDE++ 2021 kijkt het PBL naar nieuwe opties om aan de regeling toe te voegen, terwijl het ook de in 2020 opengestelde opties blijft herijken naar de laatste marktontwikkelingen.

Bevindingen CO2-afvang en -gebruik in de glastuinbouw 

De afvang en het gebruik van CO2 (CCU: CO2 Capture and Utilisation) in de glastuinbouw voor extra plantbemesting is reeds een toegepaste techniek. Jaarlijks wordt er ongeveer 500 tot 600 kton CO2 geleverd aan de glastuinbouw. CO2-afvang kent verschillende mogelijke toepassingen in zowel de industrie als de elektriciteitsproductie. Op verschillende locaties kan CO2 worden afgevangen en gecomprimeerd worden. De kostenbevindingen en basisbedragen zijn te vinden in dit advies. Voor de afvang van CO2 met het oog om die (permanent) op te slaan in een ondergrondse berging (CCS : CO2 Capture and Storage) bestaat er een afzonderlijk advies.

Marktconsultatie

Belanghebbenden kunnen schriftelijk een reactie geven op dit conceptadvies en de onderliggende kostenbevindingen. Deze schriftelijke reactie dient uiterlijk 22 mei 2020 bij het PBL binnen te zijn. Mocht een aanvullend gesprek door het PBL gewenst worden, dan zal dit tussen 8 juni en 3 juli worden gehouden.