Jacht is een belangrijke bedreiging voor vogels en zoogdieren in de tropen

14-04-2017 | Publicatie

Jacht zorgt in de tropen voor een fikse afname van dieren maar een systematische, grootschalige inschatting van de invloed van de jacht op deze afname ontbrak tot nu toe. Een studie die 14 april 2017 in Science verschijnt vult deze lacune.

De jacht is verantwoordelijk voor een afname van het aantal tropische zoogdieren met 83% en van vogels met 58%.

Een internationaal team van ecologen en milieukundigen laat zien dat vogel- en zoogdierpopulaties afnemen in kringen van 7 tot 40 kilometer rond dorpen en wegen waar jagers toegang hebben.  PBL droeg bij aan deze studie om het mondiale biodiversiteitsmodel (GLOBIO; www.globio.info) te verbeteren, welke gebruikt wordt om  internationale beleidsmakers te informeren over biodiversiteit.

De onderzoekers laten zien dat de jacht voor de handel een grotere invloed heeft dan jagen voor eigen gebruik, en dat de druk van de jacht groter is op plekken die goede verbindingen hebben met grotere steden waar wild verhandeld kan worden. De invloed van de jacht bleek groter dan de onderzoekers aanvankelijk verwachtten. ‘

Het onderzoek brengt 176 bestaande studies samen om de door jacht veroorzaakte afname in kaart te brengen van dieren in de tropen van midden en zuid Amerika, Afrika en Azië. Ana Benítez-López, die werkt bij Environmental Science aan de Radboud Universiteit in Nijmegen, had de leiding over het onderzoek met onderzoekers van het Planbureau voor de Leefomgeving en de universiteiten van Wageningen, Utrecht en Sussex.

Jachtdruk rond dorpen en wegen

'Er zijn verschillende factoren die bijdragen aan de afname van dierpopulaties in de tropen: vernietiging en versnippering van leefgebied, overbejaging et cetera,’ zegt Benítez-López. ‘Habitatdestructie kun je in kaart brengen uit de lucht met remote sensing, maar de gevolgen van de jacht kun je alleen op de grond volgen. Wij wilden een systematische en consistente manier vinden om de impact van de jacht in de tropen te schatten. We zijn begonnen met de hypothese dat mensen jagen in cirkels rond hun dorp of rond de toegangsweg tot een bos. Vlakbij zo’n toegangspunt is de jachtdruk het hoogst en het aantal soorten het laagst. Verder weg neemt de dierpopulatie toe, tot het punt dat er geen invloed van de jacht meer is. Dit noemen wij de soortdepletie-afstand en die hebben we in onze analyse gekwantificeerd. Zo kunnen we voor het eerst de door jacht veroorzaakte teruggang van soorten op grote schaal in kaart brengen.’

Niet alleen aaibare soorten

Het meest vernieuwende van deze Science-studie is dat die veel bestaande, lokale studies combineert en daarmee voor het eerst een overkoepelend beeld geeft van de grootte van de impact van de jacht, en dat de studie álle soorten meeweegt. Niet alleen de grote, aaibare soorten maar ook vogels en knaagdieren. Zoogdieren hebben een grotere kans om te verdwijnen, zegt Benítez-López. ‘Omdat ze groter zijn, er zit meer eten aan. Ze zijn het waard om een langer eind voor te lopen. Hoe groter het zoogdier, hoe langer de tocht die de jager zal overwegen.’

De toegenomen vraag naar wild, zowel op het platteland als in de stad, hebben er al toe geleid dat de grote soorten dicht bij de dorpen zijn verdwenen. De jagers ondernemen nu langere tochten.  Voor commercieel interessante soorten als olifanten en gorilla’s zijn de jagers bereid om nog verder te trekken, omdat de inkomsten hoger zijn.

Wildreservaat biedt geen bescherming

Ook in beschermde gebieden als wildreservaten loopt de vogel- en zoogdierpopulaties terug door de jacht, ontdekten de onderzoekers. ‘Het is echt hoognodig om betere strategieën te verzinnen voor duurzaam management van de jacht op wild. Zowel in beschermde als onbeschermde gebieden,’ zegt Benítez-López. ‘Bijvoorbeeld door de activiteit van jagers beter te volgen door anti-stroopbrigades te versterken en door de wet beter te handhaven.’