Waardering van stedelijk groen en blauw - Evaluatie van het gebruik van de TEEB-Stad tool

02-06-2015 | Publicatie

De TEEB-Stad tool helpt gemeenten, ontwikkelaars en bedrijven om zicht te krijgen op de economische en maatschappelijke effecten van stedelijk groen. In deze evaluatie onderzoekt PBL hoe TEEB-Stad op dit moment wordt gebruikt en hoe de tool nog beter kan aansluiten op vraagstukken uit de praktijk.  Verduidelijking van de functie van de tool in besluitvormingsprocessen kan richting geven aan zijn verdere ontwikkeling.

De TEEB-Stad tool werd gelanceerd in 2013 op initiatief van onder andere het ministerie van Economische Zaken. Het instrument geeft de gebruiker inzicht in de baten van groen zoals de waarde van woningen en gezondheid. Deze informatie kan helpen om het economisch en maatschappelijk potentieel van groen strategisch te benutten.

TEEB-Stad tool vooral ingezet in planfase

De voor het onderzoek geïnterviewden gebruiken de TEEB-Stad tool als rekeninstrument, en ter ondersteuning van de communicatie, het proces en de bewustwording rondom de baten van stedelijk groen. De tool maakt de financiering en organisatie van natuurinclusieve oplossingen bespreekbaar.De tool blijkt het meest van nut in de planfase van projecten. Op dit moment is het gebruik van de tool nog beperkt. De makers gaan het instrument daarom breder onder de aandacht brengen van gemeenten en projectontwikkelaars.

Afbakening van de tool noodzakelijk

De onderzoekers bevelen aan om het doel van de TEEB-Stad tool helder af te bakenen. Daardoor wordt ook duidelijk hoe nauwkeurig en gedetailleerd de tool verder zou moeten worden ontwikkeld.Daarnaast zouden de makers meer categorieën van welvaartsbaten op kunnen nemen in de tool, zodat een vollediger beeld ontstaat. Sommige baten zijn echter moeilijk in geld uit te drukken, zoals de educatieve waarde, de primaire productie, of het reinigend vermogen van groen. Over andere baten is nog te weinig bekend, zoals de invloed van stadslandbouw op werkgelegenheid en woongenot.

copyright foto: mediatheek rijksoverheid / Tineke Dijkstra