Logo van het Planbureau voor de Leefomgeving
Naar het hoofdmenuNaar de hoofdinhoud

Agglomeratievoordelen en de REOS

Rapport | 22-01-2015

De stad is in de mode. Steden worden steeds meer gezien als de motor van de economie. En agglomeratievoordelen zijn inmiddels een kernbegrip voor beleid. In de Nederlandse context – met relatief kleine, dicht bij elkaar gelegen steden – richt dat beleid zich al snel op de samenwerking tussen gemeenten, stedelijke netwerken en metropoolregio’s. Het doel is meer te profiteren van elkaars mensen, bedrijven en voorzieningen. Maar de schaal waarop de meeste agglomeratievoordelen zich voordoen is veel kleiner dan vaak wordt gedacht. De meeste interacties spelen zich nog altijd af op het niveau van de stad en haar directe omgeving (de stadsregio). Hierdoor zijn de kansen voor beleid op een hoger ruimtelijk schaalniveau dan steden en stadsregio’s beperkt, zo blijkt uit dit position paper van Atlas voor gemeenten en het Planbureau voor de Leefomgeving.

Dit position paper is geschreven in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Milieu (I&M) dat samen met vertegenwoordigers uit de Noord- en Zuidvleugel van de Randstad en de regio Eindhoven de kansen en mogelijkheden voor een ruimtelijk-economische ontwikkelingsstrategie (REOS) verkent. De vraag aan Atlas voor Gemeenten en het Planbureau voor de Leefomgeving was om een position paper te schrijven over hoe steden economisch functioneren, en specifiek over agglomeratievoordelen. Wat zijn agglomeratievoordelen? Zijn deze door beleid te vergroten? En specifiek: spelen agglomeratievoordelen op de schaal van het gebied dat bestaat uit de Noord- en Zuidvleugel van de Randstad en de regio Eindhoven?

 

Auteur(s)Otto Raspe, Roderik Ponds
Publicatiedatum22-01-2015