Geïntegreerde Gewasbescherming nader beschouwd. Tussenevaluatie van de nota Gezonde Groei, Duurzame Oogst

21-06-2019 | Publicatie

Telers, afnemers van producten en leveranciers zijn er onvoldoende in geslaagd om het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen terug te dringen. Er is privaat én publiek beleid nodig dat het routinematig gebruik van gewasbeschermingsmiddelen stopt en alternatieven stimuleert.

Telers ondervinden barrières om het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen te verminderen

Het rapport Duurzame gewasbescherming nader beschouwd beschrijft de tussenevaluatie van de nota Gezonde Groei, Duurzame Oogst over de periode 2013-2018. In de nota heeft de overheid het gewasbeschermingsbeleid voor de periode 2013 – 2023 vastgelegd.

De conclusie van de tussenevaluatie is dat er de afgelopen 5 jaar op veel terreinen winst is geboekt. De waterkwaliteit verbetert en op voedsel worden minder resten van gewasbeschermingsmiddelen aangetroffen. Maar tegelijkertijd is de stap naar weerbare teeltsystemen in combinatie met meer gebruik van natuurlijke plaagbestrijders nog niet gemaakt. Mede hierdoor blijven gewassen vatbaar voor ziekten en plagen. Het totale verbruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen door telers neemt niet af. Door het hoge gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en door de dominante manier van landbouw bedrijven staat de biodiversiteit in het agrarisch gebied onder druk. Waterkwaliteitsnormen worden vaker overschreden dan de doelstellingen. Ook blijkt uit de evaluatie dat telers en de overheid nog onvoldoende aandacht hebben voor de arbeidsrisico’s die het werken met gewasbeschermingsmiddelen met zich brengt.

Beleid dat het routinematig gebruik van gewasbeschermingsmiddelen stopt biedt perspectieven

Met de huidige inzet van de overheid en de sector is het onwaarschijnlijk dat de doelen van de nota in 2023 gehaald worden. Om de doelen voor waterkwaliteit én biodiversiteit dichterbij te brengen, moeten zowel de emissies naar het oppervlaktewater als de milieubelasting op en rond het perceel omlaag. Ook is het noodzakelijk om leefgebieden te creëren voor bijen en plaagbestrijders, bijvoorbeeld door het aanleggen van akkerranden.

Dit vraagt om beleid dat het routinematig gebruik van gewasbeschermingsmiddelen stopt en nieuwe methodes en technieken stimuleert door kennisontwikkeling, voorlichting en – waar nodig en mogelijk – financiële prikkels. Hierbij is de inzet van alle actoren – inclusief de overheid – noodzakelijk. De nota is sterk gestoeld op vrijwilligheid. Regulering blijkt echter noodzakelijk als stok achter de deur om naast voorlopers ook het peloton mee te krijgen.

Meer lezen?

Dit syntheserapport is gebaseerd op deelonderzoeken die zijn uitgevoerd door Wageningen University & Research, het RIVM, CLM Onderzoek en Advies, het Centrum voor Milieuwetenschappen Leiden, TNO en ORG-ID Advies: